
De enige Belgische oester
AlgemeenMIDDELKERKE/OOSTENDE – Op vakantie aan de Belgische kust houdt Nico Laros ogen en oren open.
Tijdens onze fietstocht vanaf ons vakantieadres in Middelkerke naar Zeebrugge stuit ik opeens op een aantal opstellingen die me doet vermoeden dat het om oesterkweek gaat. Nou dacht ik dat het een zoetwatermeertje was, maar dat had ik dus fout. Het blijkt een uitloper van de Oostendse spuikom te zijn. Ik stap van mijn fiets en zie twee jongens aan het werk met de oestermandjes. Achter me verschijnt opeens een jonge vrouw. Ze springt op de platte oesterboot en kruipt achter het roer en de jongens gooien de touwtjes los. Erg spraakzaam zijn ze niet en voordat ik ze wat kan vragen speeden ze weg en zie ik ze even later de oestermandjes legen.
Royal d’Ostende
Nou ja, dan haal ik mijn wijsheid wel van info op de borden. Het blijkt te gaan om de kwekerij van de familie Puystjens. Als familie kweken zij op traditionele wijze, met kennis, vakmanschap en heel veel passie de enige Belgische oester. Het kweken doen ze in de Oostendse wateren van de spuikom, een zilt waterbassin dat een typische smaak geeft aan de ‘Ostendaise’.
Ostendaise oesters kennen hun oorsprong lang voor de start van Puystjens in 1995. Miljoenen van de befaamde Royal d’Ostende werden al 300 jaar geleden al geëxporteerd naar Frankrijk, Rusland, de Balkanstaten en de Duitse en Oostenrijkse gebieden. De Belgische ‘Ostendaisen’ mochten in deze periode onder geen beding ontbreken op de menu’s van de Europese upper class. Vandaag de dag zijn zij de enige kwekerij die het oorspronkelijke DNA heeft van deze pareltjes.
De Oostendse oesters worden tegenwoordig met een moderne kweektechniek gekweekt. Dankzij deze techniek en het voedingsrijke water kunnen ze een goed gevleesde, zacht zilte oester creëren. Eentje om echt fier op te zijn! Je vindt ze vandaag de dag terug in de betere restaurants in België.
Jammer genoeg is de winkel dicht, maar wellicht komt er een herkansing voor een paar heerlijke oesters.
Visserijhaven
We fietsen verder naar de haven van Oostende. Ik zie twee garnalenbootjes liggen. De felrode O-2 ‘Mike Mitchel Junior’ en de O-191’Romy’ die in 1963 als HA 37 ‘Marjan Cornelia’ in de vaart kwam. Helaas is er niemand aan boord.
In de visserijhaven van Oostende ligt de stoere Z-47 ‘De Marie Louise’. Het is een triest verhaal, maar deze bokker ligt al een jaar opgelegd en wordt in opdracht van de schuldeisers in augustus openbaar verkocht. Ik las het ook al in het Visserijnieuws. Wat een teleurstelling en verdriet zal hier allemaal achter schuilen.
Er ligt nog één Eurokotter, de N-93 ‘Aalscholver’ die met staand want vist. Het ijs ligt nog aan dek, maar ook hier tref ik niemand aan.
Helaas geen praatje maar wel een plaatje dus.
Nico Laros
