
Voor goed beheer elkaar weten te vinden; Op pad met rivierkreeftvisser Matthijs Makop
AlgemeenDORDRECHT – De uitheemse rivierkreeften vormen een plaag in de Nederlandse binnenwateren. Hoe komen we ervan af? En kunnen we er nog wat mee verdienen? Onafhankelijk adviseur visserijbeheer en-beleid Arjan Heinen (67) woont en werkt al vijf jaar op de Filipijnen, maar is regelmatig in Nederland. Vorige maand was hij even over en ging hij mee vissen met Matthijs Makop in Dordrecht. De doelsoort: rivierkreeft. Heinen doet verslag.
,,Matthijs vist al sinds 2018 op basis van een schriftelijke toestemming van de Hengelsportvereniging in Dordrecht. Deze vereniging had wel oren naar een visser die hen van het teveel aan rivierkreeft kon afhelpen, en die daar dan zelf ook nog wat aan kon verdienen. Vooral dat laatste was belangrijk, maar het geknabbel van de rivierkreeften aan het aas was menig sportvisser liever kwijt dan rijk.
We hebben net de vlet in het water of een auto van het waterschap parkeert achter de pick-up van Matthijs. De mannen komen even een praatje maken en willen van Matthijs weten of hij nog waarnemingen aan bevers heeft. Die dieren maken overal nieuwe dag- en winter verblijven in de dijken. De mensen van het waterschap schatten dat er rond 600 bevers in en rond Dordrecht wonen. Een schatting die overeenkomt met die van Mathijs (300 paar).
De waterschapmedewerker zal nog eens een balletje opgooien bij de baas om Matthijs aan nog wat meer viswater te helpen. Er zijn nog genoeg watergangen waar bedroevend weinig waterplanten in staan. Omdat Matthijs in heel wat Dordtse wateren de kreeftenstand zwaar gereduceerd heeft, weet hij dat hij daar de komende jaren geen fatsoenlijk inkomen uit kan halen. Nieuw viswater zou voor hem dan ook een mooie aanvulling zijn.
Een paar weken later zou Matthijs worden uitgenodigd voor een gesprek op het kantoor van het waterschap, om te praten over de visserij en de mogelijkheden voor uitbreiding van viswater.
Het vak geleerd
In de tien jaar dat Matthijs nu op kreeften vist heeft hij een schat aan ervaring opgedaan met het gebruik van de fuiken voor zijn visserij. Grote ringen in het achtereind, zodat de kleine vis (vaak bittervoorntjes) er weer uit zwemt. Keerwant in de eerst keel van de fuik, zodat hij ook geen last heeft van grote vis die hij toch niet in de handel mag brengen. Meestal zitten er dan ook alleen kreeften in de fuik. Ook vist hij meer met grotere fuiken, zodat de vis die er toch nog in zwemt de ruimte heeft en direct weer levend over boord kan.
In het verleden heeft Matthijs het vak geleerd bij André Blokland, die vaak jonge jongens meenam om van zijn visserij in de polders van het groene hart te laten proeven. In de smalle watergangen daar kon hij alleen met kleine fuiken goed uit de weg.
De coördinator van de gemeente Dordrecht belt ook nog even. Of Matthijs kan helpen in de wateren in de wijk Oudelandshoek, waar mensen klagen over troebel water en grote kreeften op de kant. Een korte gezamenlijke inspectie volgt en Matthijs wordt verteld hoe hij makkelijk via het terrein van de gemeente bij de waterkant kan komen met zijn vlet. De volgende dag zal Matthijs wat fuiken overplaatsen van een locatie waar de vangsten al ver teruggelopen zijn.
Geïnteresseerd
Het valt mij op dat tijdens onze ronde langs de fuiken de bewoners vriendelijk naar ons zwaaien. Veel hebben een tuin aan het water. Een echtpaar komt naar de oever en vertelt dat ze helemaal geen vis zien dit voorjaar, terwijl het water kraakhelder is. Ook geen kreeften. Matthijs vertelt dat de vis soms in deze tijd bij elkaar op de paaiplekken zit en belooft om op de terugweg nog even te laten zien wat er aan kreeften in de fuiken zat en of er nog vis tussen zat. In één van de 20 fuiken zat een klein schooltje bittervoorns, die spartelend weer over boord gingen. Verder een 10 kilo kreeft, maar vrijwel geen vis.
Zelf opper ik dat de zwanenmossels het water kraakhelder maken, maar dat verklaart niet dat er zo weinig vis te zien is. Als Matthijs er de komende weken er iedere week 20 kilo kreeften uit haalt dan moeten de waterplanten weer een kans krijgen. Als dan de maaiboot dit najaar maar even niet langskomt moet het toch weer wat beter worden met de visstand. Ook de jeugd is zeer geïnteresseerd. ‘Is dit jouw baan?’. ‘Mogen wij een kreeft vasthouden?’. Het valt mij op dat Matthijs voor iedereen even de tijd neemt.
Toen ik twee weken later nog een keer mee ging met Matthijs zagen we gelukkig meer vis tussen de kreeftjes: voorn, kleine baars, marmer en Kessler grondels, zelfs enkele botjes en ook een paling.
Systeem
Wat Matthijs graag anders zou zien is dat het voor hem en zijn collega’s makkelijker wordt om meer viswater te huren van de gemeenten en de waterschappen. Viswater dat zij dan op een zodanige manier beheren dat de rivierkreeft fors gereduceerd wordt en de visstand gezond en gevarieerd.
Wat ook zou helpen is als beroepsvissers in de gesloten tijd voor de paling toch met fuiken op kreeften zouden mogen vissen. Daar is een regeling voor, maar de controlekosten zijn helaas te hoog voor een kleine ondernemer.
Met de gemeente Dordrecht heeft hij een systeem uitgewerkt waarin hij zelf een digitale kaart bijhoudt met daarop in welke watergangen hij fuiken heeft staan. Dat heeft voor hem het voordeel dat hij niet steeds gebeld wordt als er iemand een fuik vindt en dat aan de gemeente meldt. Ook weet hij zo zelf aan het eind van het jaar waar hij overal is geweest. Voor de gemeente heeft dat het voordeel dat zij makkelijke kunnen zien waar Matthijs heeft gevist en of dat effect heeft (gehad). Ook kunnen ze een medewerker sturen naar die locaties waar fuiken staan die niet van Matthijs zijn. Gelukkig komt dat vrijwel niet voor.
Matthijs vertelt dat hij een enkele keer een paling vangt die blijkbaar van de rivier toch de polderwateren weet te vinden. Die zet hij terug, maar het lijkt Matthijs logischer als hij het hele jaar rond met fuiken op rivierkreeft vist de rode aal terugzet en de schieralen meeneemt en (samen met DUPAN) over de dijk zet. Schieralen die anders via een gemaal naar het open water moeten zien te komen.
Na zoveel jaar goede samenwerking kent iedereen in het waterwereldje rond Dordrecht Matthijs en weten zij elkaar prima te vinden. En dat is dus erg belangrijk bij het beheer van de invasieve rivierkreeftjes.’’