
Deel garnalenvloot op de schroothoop in Kampen
AlgemeenKAMPEN – Sinds 2 februari is de inschrijving voor de sanering van de garnalenvloot gesloten. Maar liefst vierenvijftig schepen zijn aangemeld om te worden gesloopt. Op twee na, de YE 63 en SL 2, gaan ze allemaal naar Hoeben in Kampen. Een hecht familiebedrijf dat al vanaf 1893 actief is in de recycling.
Er moeten er nog vijftien komen. Een deel is al gesloopt en de rest ligt nog voor de kant in het water of staat al droog op het terrein. Voor ze uit het water worden gehesen worden de masten er met een grote schaar afgeknipt. Als lucifershoutjes sneuvelen ze onder het geweld. Geamputeerd liggen ze vervolgens haast hulpeloos zij aan zij tegen elkaar aan om nog enige steun te vinden. Het is trieste aanblik, maar zonder de stilte die anders op een kerkhof heerst. Met oorverdovend geweld worden verderop de staalplaten van het schip gescheurd. Met een flinke vonkenregen raast een slijptol door de schroefas om de schroef van hoogwaardig metaal te verwijderen. Dat zijn voor Hoeben de krenten in de pap. Als een geoliede machine worden schepen vakkundig ontleed. Het hoogst haalbare voor de metalen van een schip is eindbestemming Tata Steel in IJmuiden.
Fabian Draaisma (40) heeft als operationeel directeur de leiding. Bij Hoeben werken in totaal vijfentwintig mensen, waarvan de meesten al een lange staat van dienst hebben. ,,Dit betekent dat ze ook weinig aansturing nodig hebben. Iedereen weet wel wat hij doen moet en wat er van hem verwacht wordt om het proces zo snel en efficiënt mogelijk te laten verlopen. Normaal slopen we vijftig tot zestig schepen per jaar, dus zo’n saneringsgolf vergt wel even wat extra inzet om die er in een paar maanden doorheen te werken. Dan wordt weer bewezen dat we een gouden team hebben”, vertelt Fabian met trots. Eerst worden de grote lappen scheepshuid van het schip gehaald, daarna worden deze in kleinere stukken geknipt. Tijdens het slopen wordt al zoveel mogelijk gesorteerd. Wat nog verder geselecteerd moet worden gaat in ijzeren bakken om later handmatig van elkaar gescheiden wordt. ,,Zeker een derde tot de helft van een schip is vuil: beton, hout, kunststoffen en vloeistoffen. Dat voeren we allemaal netjes af.”
Familiebedrijf
Dat Hoeben dé scheepssloper van Nederland zou worden had Johannes Hoeben in 1893 nooit kunnen bedenken. Vergezeld van zijn trouwe hond trok hij met zijn houten kar langs de deuren van Leeuwarden om metalen en lompen op te halen. Vier generaties én een aantal locaties verder is het dienstenaanbod fors uitgebreid. Een full service metaalverwerking met ook scheepssloop, containerverplaatsing, op- en overslag en verkoop van onderdelen. De familie Hoeben is er nog altijd actief. Alice Hoeben regelt de financiën en Jan Hoeben houdt zich bezig met het opkopen van metalen bij de ijzerboeren, dus alles wat over de brug komt. Wat over het water komt is pakkie-an van commercieel directeur Christian Steenhuis (45): ,,We recyclen eigenlijk alles wat drijft tot 499 GT, want dat is het maximale dat we volgens de vergunning mogen slopen. En dat is qua diepgang ook wel het maximaal haalbare als het gaat om diepgang, want de sluizen zijn niet dieper dan 3,5 meter.”
Extra inkomsten
Het binnenhalen van de gesaneerde garnalenvloot was voor Steenhuis zeker geen spel van bieden. ,,Aan deze saneringsregeling is een sloopverplichting verbonden. De scheepseigenaren mogen hun schip hier voor de kant leggen en krijgen er niks voor. Als we ze iets zouden bieden, wordt dit weer van het uitgekeerde bedrag afgetrokken, dus daar zouden ze niks mee opschieten. Ze mogen de onderdelen eraf halen die nog van waarde zijn en die verkopen. Dat is dan wel een bonus die ze mogen houden. Meestal gaat het om de apparatuur in de brug, jumpers, stortbakken en dergelijke. Ook de hoofdmotor en hulpmotor gaat meestal naar handelaren. Wij hebben hier altijd veel handelaren rondlopen die een week de tijd hebben om de door hen opgekochte zaken eraf te halen. De motoren worden vooraf al losgeschroefd en als de schepen op de kant liggen, knippen we er gaten in zodat de scheepsmotoren er makkelijk uitgehaald kunnen worden. Ook de kwaliteitslieren van bijvoorbeeld Padmos en Luyt vinden vaak nog een tweede leven”, vertelt Steenhuis als hij over het terrein loopt.
Op dat moment is Bjorn van der Laan juist bezig om met een heftruck de motor van de ZK 50 te verwijderen. Van der Laan heeft zijn eigen WR 291 ook gesaneerd en het schip ligt verderop om over een week te worden gesloopt. ,,Ik had toch niks te doen, en ik vind het prachtig werk op de sloperij. Zo kan ik me in deze fase van de schepen toch nog even nuttig maken, anderen helpen en ook mijn eigen waardevolle spullen er nog afhalen en verkopen”, aldus Van der Laan. ,,Daarna een weekje op vakantie en dan zien we wel wat ik ga doen. Ik ben er nog niet over uit.”
Voelde als ‘zonde’
Steenhuis geeft aan dat elke visser er anders mee omgaat als zijn schip uiteindelijk tot schroot wordt verwerkt. ,,Van der Laan loopt hier al een paar weken rond, maar je hebt ook vissers die hier nog geen vijf minuten willen zijn. Ze tekenen het contract en verdwijnen weer. Ze kunnen het niet aanzien. Dat snappen wij ook, want vaak komt er een einde aan familiebedrijven die al generaties lang hebben standgehouden.”
Voor Steenhuis voelt deze saneringsronde toch minder pijnlijk aan dan die van 2023 toen achtendertig (grote) boomkorkotters bij Hoeben werden gesloopt. ,,Dat was driekwart van het totaal van eenenvijftig schepen dat toen in de sanering ging. Het hadden er meer in Kampen kunnen zijn, maar die konden hier vanwege hun bruto tonnage niet gesloopt worden. De boomkorschepen hebben we met de eigen bok opgehaald en we betaalden 10.000 euro voor het schip. Dat kon eigenlijk niet uit en voor de laatsten hebben we dan ook niks meer betaald. Dat voelde anders omdat die sanering zich richtte op de meest actieve schepen en vaak ook nog redelijk nieuwe schepen. We knipten toen haast in nieuw plaatwerk. Dat voelt ook voor ons als ‘zonde’. Oftewel kapitaalvernietiging, al levert die kwaliteit wel het meest op, want het beste staal gaat naar Tata Steel in IJmuiden om weer te worden omgesmolten. De mindere kwaliteit gaat naar het buitenland, omdat recyclen te veel uitstoot geeft en de regels in Nederland strenger zijn of gewoon meer gehandhaafd worden.”
Geen woekerwinsten
De sloop van de garnalenkotters gaat veel minder opleveren. Ze wegen tussen de 50 en 100 ton, terwijl de boomkorschepen tussen de 400 en 700 ton wogen. De Maaskantkotters waren volgens Steenhuis het zwaarst vanwege de stevige bouw met meer spanten. ,,Daar waren we wel een week mee bezig, terwijl het met een garnalenschip in twee dagen is gebeurd. Veel schepen waren ook wel toe aan de sloop of hadden veel achterstallig onderhoud. Ook logisch als zo’n saneringsregeling al een tijd in de lucht hangt. Wie een oud schip had en veel visdagen, was spekkoper. Sommigen hadden daardoor de kans om met een nieuwer en groter schip door te gaan of de afweging te maken om te stoppen met vissen. Die hikken er tegenaan dat er veel moet gebeuren om aan de regelgeving te voldoen. Het is een black box, camera’s, katalysator en de steeds maar voortdurende strijd tegen ngo’s die je van het water af willen hebben. Er zijn vissers die dat gewoon niet meer willen.”
Dat Hoeben hiervan profiteert wil Steenhuis niet ontkennen. ,,Maar we maken zeker geen woekerwinsten. Het afvoeren van afval kost ons ook geld en we moeten het echt hebben van meevallers. Nog wat onderdelen die erop zitten die we weer kunnen verkopen. Er komen hier deze weken genoeg vissers die iets van hun gading zoeken. Die weten dat een zusterschip wordt gesloopt en kunnen het nodige gebruiken. Soms zit er nog wat gasolie in de tank, maar er zijn ook vissers die op weg naar de sloperij zonder brandstof komen te zitten en gesleept moeten worden”, lacht Steenhuis.
Regelgeving
De prijs kan het niet zijn waarom vissers voor Hoeben kiezen om hun schip te laten slopen. ,,Ik denk dat het komt omdat we ze ontzorgen. Je draagt een schip over in goede handen en de rest wordt goed geregeld. We hebben hier ook nauw contact over gehad met het ministerie van LVVN en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). We hebben hier ook een heel team een dag over de vloer gehad om te zien wat de gevolgen zijn van hun beslissing. Dat deed ze toch wel wat, om te zien wat achter een beeldscherm wordt besloten en wat in de praktijk de gevolgen zijn. Ik moet zeggen dat er bij het RVO ook een heel ander team zat. Zij waren veel bereidwilliger om deze saneringsregeling goed en snel uit te voeren. Na goedkeuring van de saneringsaanvraag kregen vissers meteen tien procent van het uit te keren bedrag. Als het schip hier aan kwam kregen ze meteen een sloopverklaring, terwijl ze dat de vorige keren pas kregen als het schip ook daadwerkelijk gesloopt was. Met die verklaring konden ze het schip uitschrijven en verzekeringen opheffen. Als alle groene vinkjes gezet waren kregen ze de rest van het geld. Dat loopt dus allemaal lekker vlot en onze bijdrage daarin wordt door de vissers gewaardeerd.”
Als milieubedrijf weet men ook bij Hoeben hoe regelgeving op een bedrijf kan drukken. ,,Regels zijn goed en ook nodig, maar het slaat ook wel door. Milieuhandhavers lopen hier regelmatig over het terrein. Vliegen over met vliegtuigen en drones om alles in de gaten te houden. Maar we zijn een net en milieubewust bedrijf en doen het goed, anders waren we allang geconfronteerd met dwangsommen. Het grote probleem is dat ze precies moeten weten wat hier binnenkomt en het terrein weer afgaat. Dat vergt enorm veel administratie en is arbeidsintensief. We zijn langer bezig met papierwerk en vergunningen dan met het slopen van een schip. Dat is toch te gek”, vindt Steenhuis.
Windmolens
Als de schepen aan stukken worden geknipt, komt het volgende gevolg van de vergroening het terrein binnen: een windmolen. ,,Daar komt ook aardig staalwerk en koper vanaf dat goed recyclebaar is. Er gaan er in de polder 166 tegen de vlakte omdat ze de levensduur van 25 jaar bereikt hebben. Wij hebben bijna de helft al opgekocht en waarschijnlijk worden dat er meer. Er komen nog grotere molens voor terug. We doen biedingen tegen dagprijs, want de prijzen kunnen elke dag anders zijn. Sinds vorig jaar is prijs voor metalen zeker met twintig procent gezakt. Gedrag en uitspraken van mannen als Trump en Poetin zijn niet goed voor de wereldhandel, die een afwachtende houding aanneemt. Dit kan dus beter, maar de hele vergroening levert ons zeker werk op. Ook qua schepen zal het nog wel even doorgaan, want in Duitsland wordt binnenkort een saneringsregeling geopend en met verschillende Duitse vissers hebben we al contact”, vertelt Steenhuis. Die saneringsregeling is wat minder royaal, maar het sloopbedrag wordt niet gekort op de uitkering. Bij Hoeben hoopt men ook de Duitse schepen voor de kant te krijgen in de Zuiderzeehaven. ,,Enerzijds spijtig, want het gaat ten koste van de voedselproductie, terwijl Europa zo graag zelfvoorzienend wil zijn. Maar als schepen toch gesloopt moeten worden, dan ben je bij ons aan het goede adres. Dan weet je dat het netjes en volgens de regels gebeurt. En boter bij de vis,” voegt Steenhuis er tot slot nog aan toe.
![]()
Archieffoto: Hoeben beschikt over een grote verwerkingslocatie in de Zuiderzeehaven in Kampen op een terrein van 4,5 hectare. Over het IJsselmeer en de IJssel goed bereikbaar voor schepen. Hoeben beschikt over het modernste materieel van kranen, shovels, scharen, sleep- en duwboten, vrachtboten en vrachtauto’s tot een drijvende bok met een hijsvermogen van 400 ton.




