Bert Jan Koorn vist alweer acht jaar bij rederij Sheey. Op de foto met een witte tonijn in de golf van Biskaje.
Bert Jan Koorn vist alweer acht jaar bij rederij Sheey. Op de foto met een witte tonijn in de golf van Biskaje. -

Nieuwedieper op een Ierse kotter

Algemeen

Mijn oomzegger Bert Jan Koorn vaart op de S 381 ‘Ocean Crest’, een kleine Ierse trawler van 27 x 8 meter. De S op de kop staat voor Skibbereen aan de zuidkust, maar omdat deze plaats zelf geen haven heeft is Baltimore in de praktijk de thuishaven. Het enorme visgebied varieert tussen de Golf van Biskaje en de Barentszzee, zo’n 2.400 zeemijl!  

Afgelopen zomer, toen ik Bert Jan contacte,  viste de S 381 in span met het zusterschip S 383 ‘Wave Crest’ op witte tonijn in de Golf van Biskaje.

,,Hé, ome Nico. U vroeg me om wat op te schrijven over mijn leven op zee en aan de wal in Ierland; nou daar komt het dan.

Ik ben nu 44 jaar en toen ik een jaar of 10 oud was ging ik als jongetje in schoolvakanties mee naar zee met de HD 3 ‘Trijntje Gerda’, waarop mijn vader Bert Koorn toen machinist was. Ook hielp ik op de vrijdagen als de kotter binnen kwam. Ik was veel op de haven, de afslag of in de nettenschuur te vinden als jonge jongen. Ik heb de Visserijschool gedaan, eerst SW6 daarna SW5. Een paar maanden heb ik stage gelopen op de HD 4 ‘Hendrik Petronella’, net als de HD 3 eigendom van Bais. Mijn echte visserscarrière ben ik begonnen in 1999 bij Willem de Vreugd op de HD 147. Na anderhalf jaar ben ik overgestapt naar de HD 202  ‘Repos Ailleurs’, totdat deze gesaneerd werd. 

In 2004 ben ik op de HD 222 ‘Lida Suzanna’ van Van Belzen gestapt. Tijdens deze tijd liep mijn huwelijk op de klippen en verloor ik mijn stabiele thuisbasis. Na een omzwerving ben ik verhuisd naar Goes. Waar ik een jaar of vijf op de zandhopper/dredger ‘Reimerswaal’ van Den Herder heb gewerkt. Dit schip werd verkocht aan De Hoop in Terneuzen en omgedoopt tot ‘Ruyter’, die het vaartuig plus bemanning overnam. 

Vervolgens ben ik uit Nederland vertrokken, en heb gedurende een pauze van vijf jaar in Iran gewoond. Daar heb ik mijn brood verdiend met acteren in films en series, maakte er meubels én heb er mijn huidige vrouw leren kennen. 

Terug in Nederland ben ik opgestapt op de GO 57. Maar ik voelde me in Nederland eerlijk gezegd niet meer thuis en uiteindelijk vertrok ik in 2017 naar Ierland. 

Baltimore

Samen met mijn huidige vrouw en dochter wonen we in Baltimore, een klein dorpje van ongeveer 600 inwoners. Het leven aan wal is dus rustig. De omgeving is prachtig, veel onaangetaste natuur, prachtige kustlijn met kliffen en eilanden. Er zijn vijf pubs, een klein winkeltje en een paar restaurants. ‘s Zomers komen daar constant ongeveer tweeduizend toeristen bij. Maar dan zit ik meestal de hele zomervakantie op zee in de Golf van Biskaje, dus daar krijg ik gelukkig niet veel van mee. 

In Ierland ben ik begonnen op de hekkotter ‘Excel’ van McCarthy in Dunmore East. Dat was geen succes. Er werd slecht betaald en met een kind op komst moest er wel geld binnen komen. Via een collega hoorde ik dat rederij Sheehy in Baltimore nog een mannetje zocht op de flyshooter ‘Aquilla’ en ben ik uiteindelijk naar Baltimore verhuisd. Na anderhalf jaar kocht dit bedrijf een tweede spantrawler en ben ik overgestapt op de ‘Carmona’.  

In januari 2023 werd de S 381 ‘Ocean Crest’ en in 2024 het zusterschip de S 383 ‘Wave Crest’ nieuw in de vaart genomen ter vervanging van de ‘Carmona’ en de ‘Lövön’. Deze oude schepen zijn verkocht om te gaan vissen in Afrika. De beide nieuwbouwers van Sheehy hebben een vangstverwerkingsinstallatie van de VCU.

Met de S 381 en de S 383 wordt pelagisch in span gevist op makreel, horsmakreel, sprot, sardien en evervis. Afhankelijk van jaarlijkse lotingen wordt er ook gespand op blauwe wijting. Ook afhankelijk van loting wordt er soms ge-spand op haring in Noorse wateren. 

Afgelopen jaar zijn we voor het eerst wezen flyshooten in Noorwegen op kabeljauw. Verder flyshooten (in de periode wanneer er geen quotum meer is voor een van de genoemde pelagische vissoorten) op hoofdzakelijk heek en schelvis. 

Hoe ziet ons jaar er momenteel ongeveer uit?

Van januari tot maart spannen op horsmakreel voor de Ierse kust of makreel boven Schotland. Soms ook op evervis, blauwe wijting ten westen van Ierland en daarna spannen op haring bij Noorwegen. 

Van maart tot juni flyshooten we op kabeljauw boven de Noordkaap van Noorwegen, of flyshooten we op heek en schelvis boven de noordkust van Ierland.

Van juni tot augustus spanvissen we op tonijn in de Golf van Biskaje. Er was een landelijk quotum van 4.600 ton witte tonijn dit jaar, wat niet verdeeld wordt. Dus wie het meeste vangt, verdient het meeste. Er gaan zo ongeveer 15 schepen jaarlijks naar de Golf van Biskaje. Je mag per reis maximaal 100 ton per span lossen. Het is dus belangrijk om zo snel mogelijk te lossen en dan weer naar zee te gaan. Over de afgelopen jaren ligt de gemiddelde tijd om het quotum vol te vissen op zo’n 8-9 weken.

Van september tot en met oktober is het weer flyshooten op heek en schelvis op de Ierse kust en ook flyshooten op zeekat in het Engelse Kanaal.

Van november tot en met januari spannen we op sprot in de baaien van de Ierse zuidkust en ook op sardien in het Engelse Kanaal.

Heel veel overschakelen dus. De quota zijn niet groot genoeg om het hele jaar één soort visserij te bedrijven en er een goede boterham aan over te houden. Als visserijbedrijf moet je jezelf steeds aanpassen aan de regels en quota vanuit Brussel, ook in Ierland. Veel hangt dus af van het quotum dat je krijgt en daardoor varieert het van jaar tot jaar waar je vist en wanneer.

Inmiddels is meer bekend over de vangstquota voor 2026. ICES en dus Brussel delen een mokerslag uit aan de Ierse visindustrie, want er wordt maar liefst 70 procent gekort op het makreelquotum.

Dit jaar waren we voor het eerst op kabeljauw in Noorwegen. Ja, dat was een geweldig avontuur.  Er was met P&P uit Nederland quotum geruild om in Noorwegen te kunnen vissen. Hoe dat technisch in elkaar zit weet ik niet precies, maar er was een quotum voor 250 ton kabeljauw beschikbaar. 

We zijn de tweede week van maart vertrokken, 1.800 mijl stomen. Met nieuwe netten met  flyshootlijnen. Een grote investering voor het bedrijf, lange onderhandelingen en dat alles zonder garantie dat je ook echt wat gaat vangen daar. Want er was in geen jaren een Iers schip geweest dat gebruik heeft gemaakt van dit quotum. 

Richting Noordkaap dus en onderweg in Lerwick nog gebunkerd. Aangekomen in Noorwegen. Eerst in een klein haventje halverwege de westkust om netten op te halen. Daarna door de fjorden (voor het weer) richting de noordkust, tot ongeveer 50 mijl van de Russische grens. Een geweldige reis. Noorderlicht, sneeuw en fjorden, dat zie je niet dagelijks.  

In eerste instantie was de vangst niet denderend en na een paar reizen zijn we vertrokken naar de westkust van Noorwegen. Dankzij de schipper, Gerard Sheehy, die eigenlijk altijd vis vindt, hebben we daar binnen enkele weken ons quotum volgevist. Wel veel brokken en boeten, maar oké. Al met al toch een groot succes.

Bijzonder

We hebben een crew van zeven man, waarvan de meeste Ieren zijn. Dat is toch wel bijzonder, omdat tegenwoordig op de meeste kleinere schepen overwegend buitenlandse bemanningsleden varen. Veel Filipijnen, Indonesiërs en oost-Europeanen. 

Onze reizen variëren in lengte, maar meestal zodra we vis aan boord hebben moet dat als het kan binnen een dag of vijf gelost worden. Zeker als we pelagisch vissen en de vis in de tanks zit, die zitten dan in gekoeld zeewater. 

Ik ben gewoon knecht hier aan boord. Ik ben wel een tijdje machinist geweest op eerdere schepen van hun, maar daar lag mijn hart niet echt. De ‘Ocean Crest’ is een prima zeeschip, meestal kunnen we wel blijven vissen, tot windkracht 8/9.

Thuis rook ik vaak vis, makreel, tonijn, poon, tongetjes, zeeduivel; van alles eigenlijk. Als het twee ogen en een staart heeft, kan het gerookt worden. Voorheen knapte ik bootjes op, maar er staat er inmiddels al één voor de deur, die ik twee jaar lang niet heb aangeraakt, puur door tijdgebrek.  

Gelukkig

Wat kan ik ervan zeggen... zo is het leven van een visserman. Ik ben gelukkig hier met mijn gezin, het is niet altijd gemakkelijk, zeker voor mijn vrouw als vreemde in een vreemd land, zeker in het begin. Zij komt dus uit Teheran in Iran, een stad met meer dan 15 miljoen inwoners. Dat is dus een hele verandering naar een dorp van 600 inwoners. Onze dochter Desiree weet niet beter en vindt haar leven geweldig. 

Voor mijzelf was het ook even wennen. Maar als je jezelf goed kunt aanpassen aan een nieuwe omgeving en deze jou eigen weet te maken, kun je met je kennis en kunde die je hebt opgebouwd in Nederland overal gedijen.

Ik werk nu alweer acht jaar voor hetzelfde bedrijf, met een kleine pauze van een half jaar, om de batterij weer wat op te laden. Het zijn goede bazen die altijd voor je klaar staan als je ergens hulp bij nodig hebt. Dat is tweerichtingsverkeer: ze geven veel, maar vragen ook veel. Een groeiend visserijbedrijf. Dat is toch wel opmerkelijk in deze tijd, maar dus toch goed mogelijk. 

Aanpassingsvermogen

In Nederland zijn alle schepen waar ik op heb gevaren weggesaneerd. Behalve de HD 147, die is droevig genoeg omgeslagen. Zelfs als ik in Den Helder had willen blijven vissen, had dat geen toekomst gehad. Voornamelijk vanwege slecht beleid van de overheid, maar ook door een gebrek aan aanpassingsvermogen van de meeste Helderse eigenaren. Er werd naar mijn gevoel te lang vastgehouden aan een (verloren) zaak. Maar goed, wie ben ik om over anderen te oordelen. 

Veel Urkers hebben dit op tijd ingezien en zijn omgeschakeld naar een andere bedrijfsvoering met nu prachtige trawlers die kunnen schakelen.

Nou ome Nico, ik hoop dat dit voldoende informatie is om er wat van te maken. Met een hartelijke groet uit de warme Golf van Biskaje.’’

Far from home, in Noorse wateren en onderweg naar Andenes om te lossen. De verkoop van de vis in Noorwegen gaat heel anders dan in Nederland. Je plaatst de vangst online, zichtbaar voor iedereen. Dan wordt er online geboden. Aan de hand daarvan maak je een beslissing waar je dan de vis lost. Rechtstreeks in de fabriek. Dus bijna iedere reis ergens anders. De S 381 ligt zo voorover omdat de vistanks vol zijn. Het valt nog mee, zegt Bert Jan. ,,Het kan nog veel erger!
De S 381 'Ocean Crest' werd in januari 2023 nieuw in de vaart genomen. Een jaar later volgde de S 383. Sheehy is een groeiend visserijbedrijf. ,,Dat is toch wel opmerkelijk in deze tijd, maar dus toch goed mogelijk.''
Sorteren en verkopen op de visafslag van Ondarroa in Spaans Baskenland.
-
Lossen in het Noorse Myre. Van links naar rechts: Robert Kane, Niall Cavanagh, Ian O' Shea, Shaun Maccinnes, Bert Jan Koorn, Kane Roche en schipper-eigenaar Gerard Sheehy.
Thuis rook ik vaak vis, makreel, tonijn, poon, tongetjes, zeeduivel; van alles eigenlijk.
Halen tijdens de spanvisserij met het zusterschip S 383.
Lossen van tonijn vanuit een rsw-koeltank.
Zwaardvis, toegestande bijvangst.