
Kippenvel boven hetwrak van de WR 157
AlgemeenDEN OEVER – Het was een grote wens van Martien Wigbout om nog eens naar het wrak van de WR 157 te gaan, de kotter van zijn oudere broer Jacob die in januari 1982 verging boven Borkum. Drie jonge Wieringer vissers kwamen daarbij om het leven. Vorige week werd zijn wens vervuld.
Het is al ruim 40 jaar geleden, maar op Wieringen leeft het nog steeds. De houten garnalenkotter WR 157 van Jacob Wigbout kwam eind januari 1982 niet terug van een reis naar de Sylt. Na vier weken zoeken werd de kotter gevonden, noordwest van het Duitse Waddeneiland Borkum. De lichamen van de drie opvarenden – Wigbout, Paul Meeldijk en Sybren Smink – bevonden zich nog in het gezonken schip, werden geborgen en op Wieringen begraven. Het waarschijnlijkste scenario is dat de kotter in zeer dichte mist in de botenlijn is aangevaren door een vrachtschip, dat de aanvaring niet heeft opgemerkt en zijn route heeft vervolgd.
Jacob Wigbout was de oudere broer van Martien Wigbout (57). In 1982 was Martien net 16 jaar, en wilde ook garnalenvisser worden. Volgens zijn zoon Richard Wigbout (27) heeft zijn vader het plotselinge verlies van zijn oudere broer nooit goed kunnen verwerken. Na het ongeluk sloot Martien zich aan bij vader Tjebbe en broer Simon op het IJsselmeer (WR 161), om in 2000 alsnog voor de garnalenvisserij te kiezen.
Tastbaars
Vorige week kwam een aantal zaken samen. Richard is schipper op de garnalenkotter TX 65, goed bevriend met Cees Meeldijk, die intensief bezig is met een zoektocht naar het wrak van de WR 6, die in januari 1967 is vergaan in de buurt van Helgoland. Daarbij is de hulp ingeroepen van duikteam Zeester uit Lauwersoog. Zou het mogelijk zijn om daarmee ook naar het wrak van de WR 157 te gaan? Dat bleek mogelijk.
Vorige week donderdag 18 augustus loste de TX 65 in Den Helder. Richard Wigbout kreeg van eigenaar Erik Kalf alle medewerking en toestemming om naar Borkum te stomen. Wigbout: ,,Met m’n vader en moeder aan boord zijn we naar Borkum gegaan, waar we het team van de Zeester hebben ontmoet, dat net van Helgoland kwam na een vooralsnog tevergeefse zoektocht naar de WR 6. Vrijdag zijn we naar de locatie van het wrak van de WR 157 gevaren. M’n vader en Cees Meeldijk waren aan boord van het duikschip ‘Zeester’. Ik bleef met de TX 65 op afstand standby, als een soort wachtboot.’’
Natuurlijk gingen de Wigbouten niet zelf te water. De duikers gingen vanaf de ‘Zeester’ naar beneden, om te kijken of ze nog iets tastbaars naar boven konden halen en om filmbeelden te maken. Wigbout spreekt van een kippenvelmoment toen de duidelijke beelden zichtbaar waren. ,,Van het wrak is niet veel meer over; helemaal opgevreten door de paalwormen. Maar je ziet de contouren, de masten en de gieken die op de bodem liggen, de lier, de kookketel. Een mooi stuk als een kompas hebben ze jammer genoeg niet kunnen vinden, maar toch wel wat kleine spulletjes als tastbare herinneringen. Voor mijn vader is dit echt een stukje verwerking na die 40 jaar, hij kan het een plek geven.’’
Bedanken
Afgelopen maandag zat Richard Wigbout weer voor de Noord-Hollandse kust op de garnalen en deed hij z’n verhaal. Namens de hele familie Wigbout wil hij Erik Kalf en Cees Meeldijk bedanken voor het mogelijk maken van deze bijzondere ervaring. En natuurlijk de duikers van duikteam ‘Zeester’. ,,Die hebben ons goed ontvangen en waren echt heel meelevend. Het was allemaal heel speciaal om mee te maken.’’



