
Wel strafbare feiten, geen gevangenisstraffen
AlgemeenLEEUWARDEN/URK - Geen enkele onvoorwaardelijke gevangenisstraf en dus bij een aantal verdachten een zucht van verlichting. Dat was het resultaat van de uitspraak in de zogenaamde Urker visfraudezaak, die afgelopen woensdag in Leeuwarden een voorlopig einde vond. Voorlopig, want de kans bestaat dat deze zaak nog een staartje krijgt.
Vroeg officier van justitie L. van Kooten in haar eisen nog om twaalf verdachten tot maximaal twaalf maanden gevangenisstraf te veroordelen, de drie rechters van de Leeuwarden rechtbank oordeelden aanmerkelijk milder. Zij kwamen niet verder dan maximaal 180 uur taakstraf voor twee van de de gedagvaarde vissers. Een aanzienlijk verschil met de hoge eisen van de aanklager. Het Openbaar Ministerie zegt niettemin ingenomen te zijn met het feit dat het in vrijwel alle gevallen tot een veroordeling gekomen is. Een woordvoerdster zei dat momenteel de vonnissen bestudeerd worden en dat binnen twee weken wordt beslist of er in hoger beroep zal worden gegaan.
Visafslag
Alle verdachten (met uitzondering van Urk Export B.V., welk bedrijf werd vrijgesproken) werden veroordeeld door de rechtbank en hun betrokkenheid aan strafbare feiten werd bewezen geacht. Dat geldt dus ook voor de directie van de Visafslag Urk B.V. Directeur Teun Visser kreeg een taakstraf van 150 uur en 3 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf, terwijl marketing-manager Barend Hakvoort tot zelfs 200 uur taakstraf werd veroordeeld. Albert Hoekman en Henk van Veen krijgen uiteindelijk 30 uur taakstraf.
Visafslag-directeur Teun Visser onthoudt zich voorlopig nog even van commentaar. Hij wil eerst de uitspraak van de rechtbank goed bestuderen. Geen van de visafslag-verdachten was overigens aanwezig bij de uitspraak van de rechtbank.
Urker Jelle Kramer van de Z571 en Heldenaar Peter Bakker van Rederij Jac. Bakker & Zn. waren de vissers die de zwaarste straffen kregen: beiden 180 uur werkstraf en 3 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. Evert van Diepen van het gelijknamige visverwerkingsbedrijf op Urk kreeg een taakstraf van 100 uur, en 6 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. Zijn collega Jan Koffeman en diens medewerker Albert Hakvoort kwamen er iets beter van af: 60 uur werkstraf en 1 maand voorwaardelijke gevangenisstraf.
Verschillende rechtspersonen kregen boetes opgelegd. De Urker visafslag kreeg een boete van 130.000 euro en het bedrijf van Van Diepen kreeg een boete van 100.000 euro opgelegd. De rederijen Jac. Bakker & Zn. uit Den Helder en Rudo (Z 571) kregen ieder een boete van 70.000 euro.
Zowel veroordeelden als het openbaar Ministerie hebben veertien dagen de tijd om in beroep te gaan tegen de vonnissen.
Motivering
De rechtbank motiveerde in verreweg de meeste zaken de straf als volgt: ,,Verdachte heeft zich, samen met anderen, schuldig gemaakt aan het vals opmaken van documenten. Op die manier is de controle op de regelgeving bemoeilijkt, de overbevissing in de hand gewerkt. Ook is de concurrentiepositie van andere vissers, veilingen en handelaars (die zich wel aan de regels hielden) daarmee verzwakt.’’
De rechtbank vond het als ‘strafverzwarend’ meewegen dat deze misstanden, zoals zij het noemde, zich gedurende tal van jaren hebben afgespeeld, met medeweten van vele branchegenoten. Dat de strafbare feiten zich hebben afgespeeld in de economische sfeer, zonder risico’s voor individuele personen, heeft in positieve zin meegewogen, terwijl vaak ook het nog niet eerder veroordeeld zijn voor een aantal verdachten gold ook als positief punt. Vandaar dat in geen enkel geval een onvoorwaardelijke gevangenisstraf is gevonnist.
De voorwaardelijke straffen die zijn uitgesproken hebben tot doel dat herhaling wordt voorkomen, zo motiveerde de rechtbank.