Jean Rummenie

Nederland veruit de meest duurzame delta

ZOUTKAMP – Jean Rummenie noemt het eervol dat hij als voormalig staatssecretaris van LVVN een award van vissersvereniging Hulp in Nood mocht ontvangen. Onderstaand – iets ingekort - zijn voorbereide speech in Zoutkamp.


,,Ik heb als staatsecretaris met veel plezier mij ingezet voor de visserijsector. Dat begon met niet meer het slimste jongetje van de klas in Brussel te willen zijn, maar solidariteit ook met andere lidstaten te tonen die vergelijkbare sociaal-economische problemen hadden.

Laten we wel zijn, de visserijsector is onlosmakelijk verbonden met Nederland en maakt al eeuwen deel uit van onze nationale identiteit. Kortom, cultureel erfgoed. Tijdens het flyeren voor de afgelopen TK-verkiezingen heb ik ook vaak de vraag gesteld aan mensen: ‘Kunt u zich Nederland voorstellen zonder Nederlandse garnalen?’ Het antwoord was altijd: nee. Waarna ik zei dat we er dan snel zuinig op moeten zijn, want als we over de situatie spreken is het al na twaalven.

Ik was dan ook erg blij dat ik door afscheid te nemen van de gedooglicentie en de toekenning van een licentie voor 20 jaar de sector weer perspectief heb kunnen geven. Een bedrijf kan je immers alleen runnen als er rechtszekerheid is op de langere termijn.

Ik heb trouwens tijdens mijn ambtstermijn vaak met verbazing gekeken naar hoe lang men in dit land over dossiers kan praten. Ik geef een voorbeeld: de compensatie van de Voordelta. Ik durf rustig te stellen dat als men meer dan 10 jaar praat, de urgentie kennelijk niet beseft om tot een oplossing te komen, het poldermodel echt zijn functie voorbij is geschoten. En dit was niet het enige langjarige dossier dat ik aantrof.

Om het toch wat breder te trekken, want zoals u weet omvatte mijn portefeuille meer dan visserij, heeft het mij ook verbaasd hoe dit land zijn pragmatische houding van vroeger is kwijtgeraakt. Er was altijd een zeker evenwicht tussen de koopman en de dominee, maar het lijkt dat de dominee nu in alles de overhand heeft. Het speelt in alle dossiers. Klimaat, natuur, stikstof, visserij, veehouderij noem maar op. Het evenwicht tussen duurzaamheid en de economie is zoek. Het doet me pijn om te zien, na onze fantastische sector in mijn loopbaan over de hele wereld te hebben mogen vertegenwoordigen als landbouwattache, dat alleen in ons land de enorme toegevoegde waarde van de sector niet beseft wordt. Overal ter wereld wordt met bewondering naar onze voedselproducerende sector gekeken. We hebben het dan over technologie, plantaardig en dierlijk uitgangsmateriaal, en kennis.

De wereld overziend zijn er acht grote delta’s die de belangrijkste voedselproducerende regio's in de wereld zijn. Onze delta steekt daar met kop en schouder boven uit als de meest duurzame van alle. Juist daarom steekt het zo dan men hier te lande niet wil beseffen wat de toegevoegde waarde van Nederland wereldwijd is voor de voedselzekerheid. Nederland speelt op dat vlak een doorslaggevende rol terwijl onze uitstoot op deze planeet in het niet zinkt in vergelijking tot andere landen. Kortom: het evenwicht is zoek in dit land omdat men alleen nog met het eigen straatje bezig is, zonder het wereldwijde perspectief te willen zien.

Zeker in deze onzekere geopolitieke tijden wordt het hoog tijd dat voedselzekerheid hoger op de agenda komt en, zoals eerder gezegd, Nederland speelt daarin een hele belangrijke rol wereldwijd.

Ik sluit af dames en heren met nogmaals mijn grote dank voor de door u vandaag getoonde waardering voor mijn functioneren. Weet dat ik het met hart en ziel gedaan heb en in het volle besef van het belang van de zojuist genoemde prioriteiten voor ons land en de wereld.


Ik wens u nog vele jaren een goede vaart en vangst toe. U hoort bij Nederland als ons erfgoed en een land dat dat vergeet is echt de weg kwijt.’’