UIT VLISSINGEN

Vrijdag 27 februari waren de ARM 20, ARM 22 en ARM 24 de enige aanvoerders van vis in Vlissingen. De bot van de ARM 20 en ARM 22 ging op transport naar de afslag op Urk. 

De belangrijkste soorten in het weekaanbod van 13,3 ton op de Zeeuwse visafslag: 4.967 kilo tong (voor 93.814 euro), 655 kilo bot, 672 kilo griet, 145 kilo pieterman, 275 kilo pijlinktvis, 80 kilo rode poon, 82 kilo rog, 946 kilo schar, 1.392 kilo schol, 249 kilo sint jakobsschelp, 98 kilo steenwijting, 1.028 kilo tarbot, 513 kilo wijting en 441 kilo zeekat. 

De YE 238 bood 1.350 kilo garnalen aan vanaf de Texelse kust. De kiloprijzen varieerden vanaf 5,75 (het gros 1.065 kilo) tot 7,50 euro.

Weekomzet: 132.405 euro.


UIT STELLENDAM

Vrijdag 27 februari werden in Stellendam zes weekvangsten aangeland. De visaanvoer werd verzorgd door de GO 23, GO 37, SL 42, OD 6, SL 23 en SL 49. De TH 16 loste een partijtje wolhandkrab.

In totaal was er 21 ton vis, krab en garnalen. De handel maakte keuze uit: 10 ton tong, 2 ton schol, 3,7 ton bot, 552 kilo tarbot en griet, 805 kilo wijting, 176 kilo kabeljauw, 201 kilo poon, 638 kilo schar, 568 kilo pijlinktvis, 148 kilo rog, 192 kilo zwarte inktvis, 116 kilo wolhandkrab, 222 kilo steenbolk, 145 kilo pieterman en 547 kilo diversen. 

De UK 214 loste 612 kilo garnalen in drie sorteringen, waarvoor 6,25 tot 8 euro werd afgedrukt. 

Stellendam boekte een weekomzet van 218.350 euro. 

De totale weekomzet van de beide UFA-visveilingen bedroeg afgerond 537.000 euro.


UIT DEN OEVER

Den Oever kreeg in week 9 niet meer dan 11 ton garnalen te verwerken, afkomstig van zeven kotters. Ook afgelopen zondag werd er gezeefd.

De staandwantvisser ST 6 zorgde voor een minimaal visaanbod tong en krabbenpoten.


De eerste garnalen van week 10 werden dinsdag 3 maart gezeefd, afkomstig van de HK 80 (van een enkel proeftrekje) en de WR 143.


UIT URK

Donderdag 26 februari kreeg Visveiling Urk drie tussentijdse vangsten van de UK 205, PD 344 en PW 447 te verhandelen. Bij elkaar bijna 11 ton, waarvan 106 kilo bot, 460 kilo haring, 3,3 ton pijlinktvis, 675 kilo pilchards/sardien, 840 kilo schar, 5,3 ton wijting. Dagomzet: 54.048 euro.

Negentien aanvoerders zorgden vrijdag voor 129 ton vis. De helft van de kotters besomden meer dan 50.000 euro tot maximaal 70.000 euro. Er was relatief veel tong bij: bijna 20 ton, goed voor 384.549 euro, samen met tarbot 60 procent van de dagomzet. Overige soorten, 7,6 ton bot, 2,8 ton dorade, 782 kilo Engelse poon, 2,2 ton griet, 1,7 ton haring, 292 kilo horsmakreel, 2,5 ton kabeljauw, 462 kilo krab, 8,7 ton makreel, 4,4 ton mul, 901 kilo Noorse kreeftjes, 4,4 ton pijlinktvis, 1,6 ton rode poon, 4,4 ton rog, 11,2 ton schar, 1,5 ton schelvis, 26 ton schol, 752 kilo spiering, 5,7 ton steenwijting, 6,3 ton tarbot (voor 121.636 euro), 14 ton wijting, 927 kilo zeekat en 157 kilo zwarte poon. Dagomzet: 855.263 euro.


Maandagmorgen 2 maart ging er 69 ton vis over de klok, (deel)vangsten van vijftien aanvoerders. Die vangsten gingen tot ruim 11 ton. De hoogste besomming deze dag was 54.500 euro, de overige besommingen haalden de vijftigduizend niet. De handel had keuze uit: 6,3 ton bot, 329 kilo dorade, 325 kilo Engelse poon, 1,8 ton griet, 260 kilo haring, 165 kilo horsmakreel, 1,5 ton kabeljauw, 514 kilo makreel, 1,3 ton mul, 4 ton pijlinktvis, 1,2 ton rode poon, 2,5 ton rog, 4,5 ton schar, 2 ton schelvis, 23,4 ton schol, 881 kilo spiering, 205 kilo steenwijting, 4,6 ton tarbot, 7,4 ton tong, 205 kilo tongschar, 5 ton wijting, 356 kilo zeekat en 155 kilo zwarte poon. Dagomzet: 415.599 euro.


De IJsselmeervisafslag noteerde de laatste week van februari een omzet 197.131 euro. Daarvoor werd dik 42 ton vis verhandeld. Voor de 24 ton snoekbaars (6,00 tot 9,73 euro per kilo) werd 160.689 euro betaald. Verder was er onder andere 1,1 ton bot (1,72 tot 1,95 euro), 9,6 ton brasem (0,17 tot 0,84 euro), 4,3 ton rode baars (3,63 euro), 1 ton snoek (3,98 tot 5,13 euro), 1,8 ton voorn (4,19 euro) en 261 kilo wolhandkrab (8,82 euro). In totaal werden er 19 aanvoerders geteld, de helft van de weekomzet kwam van de top vijf.


UIT HARLINGEN

Harlingen noteerde in de laatste week van februari een mager garnalenaanbod van 9 ton. 

Dat betrof de vangsten van zeven kotters, variërend vanaf 518 tot 1.938 kilo garnalen. 

Voor de garnalen (vier sorteringen) werd 6,38 tot 8,39 euro per kilo betaald.

Weekomzet: 56.202 euro.


UIT DENEMARKEN

Er was vis van de NC 322, L 349, L 625 en de L 757 op woensdag 25 februari. In totaal 75 ton. Met 31 ton had de NC 322 de meeste vis. De vangst van de L 757, zo’n 14 ton, kwam per as vanuit het Noorse Haugesund. De L 349 loste aan de loskaai in Thyborøn ruim 22 ton. Kabeljauw, koolvis en leng was er verder van de L 625.

Donderdag kreeg de afslag nog net geen 11 ton vis voorgeschoteld. De RI verscheen met 7 ton vis, waaronder 268 kilo zeeduivel, en de R 231 loste 3 ton vis. Verder was er een ingezonden partij met 665 kilo pieterman.

De L 56, drie staandwantkotters en de L 510 plaatsten vrijdag dik 45 ton vis in de visafslag. De L 56 had met ruim 25 ton het grootste aandeel in de aanvoer. Het betrof vooral koolvis en schelvis. De bokker L 510 loste slechts 2,8 ton vis, waarvan 1,9 ton schol. Schol was er ook van de drie staandwantkotters, waarvan de L 357 met 8,9 ton de ruimste vangst had. In totaal was er 15,5 ton schol.


Maandag 2 maart was er krap 21 ton vis. De L 757 was  opnieuw aan de markt en verscheen met ruim 10 ton vis. De RI 427 had eenzelfde hoeveelheid aan boord. Het ging vooral koolvis, schelvis en zeeduivel.

Dinsdag was goed voor 30 ton vis. De L 820 en de staandwantkotter L 625 verzorgden de aanvoer. Eerstgenoemde loste 25,8 ton, waaronder voornamelijk koolvis, schelvis en wijting. De L 626 verscheen met 4,1 ton, waarvan de helft uit kabeljauw bestond.