
Eigen waterfabriek lijkt de enige oplossing
Tekort stroom en water belemmert visindustrie
URK – Na vele jaren praten is duidelijk geworden dat het drinkwaterbedrijf Vitens niet lukt om nieuwe bedrijven van een grote wateraansluiting te voorzien. Uitbreidingsplannen van visverwerkende bedrijven op het nieuwe industrieterrein Port of Urk kunnen daardoor voorlopig geen doorgang vinden.
Netcongestie en drinkwater zijn onderwerpen die al jaren op de agenda staan van Bedrijvenkring Urk (BKU) en Vereniging van Visgroothandelaren en Verwerkers Urk (VVU). Rein Brands, clustermanager van de BKU, vindt de situatie zeer zorgelijk. ,,Je hebt hier met zoveel stakeholders te maken, gemeenten, provincies, waterschappen en als het om stroom gaat is Liander betrokken en voor het water is Vitens de leverancier. Het blijft een eindeloos verhaal, maar vorige week is dus duidelijk geworden dat we als bedrijfsleven zelf voor ons water moeten zorgen.”
Voor de drinkwatervoorziening zijn ook de gemeenten Urk en Noordoostpolder aangewezen op het Overijsselse drinkwaterbedrijf Vitens die het water betrekt voor dit gebied uit een bron bij Sint Jansklooster. Het drinkwaterbedrijf heeft een verplichting om aan woningen te leveren, maar dat geldt niet voor drinkwater aan de industrie. Voor het bedrijfsleven geldt dat ze alleen de normale drinkwateraansluiting krijgen van 1,5 kuub water per uur. Op de groot wateraansluiting van 6 kuub per uur, geldt al enkele jaren een stop. De visverwerkende industrie gebruikt veel water en heeft een groot wateraansluiting nodig. Vanwege de afgenomen waterdruk hebben veel bedrijven al een waterreservoir. Dit vraagt investeringen van enkele tienduizenden euro’s.
Vooruitkijken
Marten Poelman, voorzitter van de VVU, vindt dat er onvoldoende vooruit is gekeken door overheden om te voorzien in deze basisbehoeften van het Urker bedrijfsleven. ,,Het drinkwatertekort speelt al jaren en Vitens gaf nog enige hoop op het oppompen van extra grondwater, maar eind vorig jaar werd duidelijk dat dit wordt belemmerd door natuurbelangen in aangrenzende Natura 2000-gebieden.”
Ook andere alternatieven, zoals het zuiveren van oppervlaktewater van het aangrenzende IJsselmeer/Ketelmeer en regenwater, waren nog in onderzoek. Het maken van drinkwater uit oppervlaktewater is ingewikkelder en duurder. Vorige week gaf Vitens echter aan dat zij verder afzien van uitwerking van alternatieve plannen voor het aanbod van drinkwater aan bedrijven. Het bedrijfsleven in Noordelijk Flevoland krijgt niet meer dan de normale wateraansluiting en moet zelf zorgen voor hun grotere behoefte aan drinkwater.
Waterfabriek
Een eigen waterfabriek lijkt nu de enige oplossing te zijn om voldoende drinkwater te kunnen leveren. Rein Brands: ,,Het is toch onbestaanbaar dat we naast een groot zoetwaterbassin zitten en dan een tekort aan drinkwater hebben. Er zijn in ons land genoeg voorbeelden van sectoren die zelf hun drinkwater maken en samen met de VVU kijken we naar de mogelijkheden en werken we een businessmodel uit. Het zal dan gaan om een circulair systeem, want ook de waterzuivering bij Tollebeek loopt tegen de grenzen aan. In totaal heeft de Urker industrie op jaarbasis 2 miljoen kuub water nodig. Het zou een apart systeem moeten worden naast het drinkwater van Vitens. Het is een miljoenenproject, dus het zal ook zoeken worden naar investeerders. Dat het water voor het Urker bedrijfsleven daardoor duurder wordt is wel zeker. We hopen in ieder geval wel stappen voorwaarts te zetten, want met wet- en regelgeving is het steeds ‘kan niet, mag niet en wil niet’. Dit zullen we moeten doorbreken om ons bedrijfsleven nog te kunnen ontwikkelen.”
Lange termijn
De realisering van een eigen drinkwaterfabriek zal op korte termijn geen oplossing bieden. Volgens Poelman gaat dit nog jaren duren. ,,Ook hier heb je weer te maken met diverse stakeholders en langdurige vergunningsprocedures. Voorlopig dringen we er bij de sector dan ook op aan om zelf ook zuiniger om te gaan met het gebruik van drinkwater. Naast innovaties die het watergebruik van machines terugdringen, kan hierdoor door eigen inspanning al 15 procent bespaard worden op het watergebruik.”
Daarnaast geeft Poelman aan dat er ook nog toestemming gegeven moet worden om oppervlaktewater te mogen gebruiken bij de voedselproductie. ,,In Nederland is dit nog verboden, terwijl het in andere landen wel mag. Hier vragen we dus een gelijk speelveld binnen Europa. Kortom, er is nog een lange weg te gaan voordat er in Noordelijk Flevoland weer voldoende water is. Voeg dit bij de wachtlijst die er is voor stroomaansluitingen en je begrijpt dat de ontwikkeling van dit gebied op dit moment enorm beperkt wordt.”
Port of Urk
Voor de gemeente Urk betekent het tekort aan water en stroom dat de uitgifte van het nieuwe bedrijventerrein Port of Urk behoorlijk stagneert. Daar was veel ruimte gereserveerd voor de visverwerking, maar diverse bedrijven zien hier nu vanaf en blijven op hun oude stek zitten waar ze wel een grote wateraansluiting hebben. Voorlopig zijn nog maar een klein aantal kavels verkocht bedrijven die geen grote aansluiting nodig hebben, zoals vries- en opslagbedrijven.
Opvallend is dat in de eerste fase van Port of Urk door Vitens een leidingnet is aangelegd voor normaal watergebruik. Een grote aansluiting op dit leidingnet is daarom technisch niet mogelijk.
Voor de gemeente Urk betekent het uitblijven van verkoop van industriegrond dat het grondbedrijf voorlopig met een miljoenenschuld blijft zitten.
Positief is wel dat de Maritieme Servicehaven Noordelijk Flevoland, onderdeel van Port of Urk, toch lijkt door te gaan. De aanbesteding wordt dit jaar verwacht en de gunning in het voorjaar van 2027. De gemeente Urk en de provincie Flevoland hebben al minstens dertig miljoen euro uitgetrokken voor dit project.
De gegadigden uit de maritieme sector die zich hier willen vestigen hebben een brief gekregen met daarin hun kavelprijs. Binnen twee weken kunnen ze aangeven of ze akkoord gaan. Kavels die vrijkomen worden aangeboden aan andere ondernemers. Daarna wordt pas duidelijk of dit project financieel haalbaar is.
