Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
NetViswerk juicht: decentraal aalbeheer landelijk uitgerold

Palingquotum per waterschapsgebied

DEN HAAG – Het decentraal aalbeheer zoals in Friesland succesvol is uitgeprobeerd wordt landelijk uitgerold. Dat betekent een quotum voor palingvissers, en een eind aan de algehele gesloten periode van september tot december. NetViswerk juicht.

Het bestuur van NetViswerk – de dit jaar opgerichte belangenbehartiger voor binnenvisserij en kleinschalige kustvisserij - had vrijdagmiddagmiddag een kennismaking met staatssecretaris Martijn van Dam, aansluitend aan diens bezoek aan het Holland Fisheries Event in Urk. Diezelfde morgen was er een brief van Van Dam aan de Tweede Kamer uitgegaan over de toekomst van het decentraal aalbeheer.

Sinds 2009 heeft Nederland in het kader van het aalbeheerplan een generiek vangstverbod op paling. In de maanden september, oktober en november mag niet op paling worden gevist. Van meet af aan heeft de binnenvisserij gepleit voor een alternatief in de vorm van zogeheten decentraal aalbeheer, waarbij vissers eigen verantwoordelijkheid krijgen voor een palingquotum. In 2011 is hiervoor een proef gestart in Friesland.

,,Uit de pilot blijkt dat decentraal aalbeheer mogelijk is met een quotumvisserij, waarbij het quotum gelijk is aan de vangsten die de vissers hebben in een jaar met drie maanden sluiting. Een vereiste bij quotumvisserij is dat de vangsten correct geregistreerd worden. De NVWA heeft een audit ingezet naar de betrouwbaarheid van de vangstregistratie in Friesland. Wanneer de audit positief uitvalt, wil ik ook andere gebieden in Nederland de mogelijkheid bieden decentraal aalbeheer toe te passen’’, schrijft Van Dam aan het parlement.

NetViswerk – en daarvoor de Combinatie van Beroepsvissers – heeft decentraal aalbeheer tot een speerpunt gemaakt. Voorzitter Albert Jan Maat is dan ook in zijn nopjes. ,,Onze achterban wil hoe dan ook van de gesloten tijd af. Wij willen graag dat de vissers zelf kunnen uitmaken wanneer in het seizoen zij hun paling vangen. Decentraal aalbeheer geeft ons ook de mogelijkheid gedifferentieerd op rode aal en schieraal te vissen. Friesland is het bewijs dat het kan, en we zijn heel blij dat het nu nationaal uitgebreid wordt. Vissers blijven zo het hele jaar op het water. Wat ons betreft worden de vissers ook jaarrond ingeschakeld bij het beheer. Decentraal aalbeheer is enerzijds een geweldige opgave, maar ook een gouden kans om het aalbeheer als vissers zelf in te vullen.’’

Maat bedankte de staatssecretaris voor diens besluit, maar gaf daarbij wel aan dat een goede verdeling van het quotum essentieeel is. NetViswerk wil zich daar ook voor sterk maken. De komende tijd moet er ook meer duidelijk worden over de gebiedsafbakening en het effect van de uitzet van glasaal en pootaal op de hoogte van het toekomstige quotum.

Voor de indeling van decentraal aalbeheer worden de grenzen van waterschappen aangehouden. Het IJsselmeer met zijn gemene weidevisserij neemt een bijzondere positie in. Wat NetViswerk betreft doen alle vissers in Nederland mee met decentraal aalbeheer en dus ook de IJsselmeervissers. Maat gaat hierover graag het gesprek aan met het ministerie van Economische Zaken en de PO-Vissersbond/IJsselmeer.

Staatssecretaris Van Dam schrijft dat de voorwaarden voor toepassing van decentraal aalbeheer zijn dat alle vissers uit het gebied mee doen en dat zij zorgen voor een betrouwbaar controle- en handhavingssysteem dat zij zelf financieren. Het aalquotum van het betreffende waterschapsgebied zal gebaseerd worden op de aalvangsten uit jaren met een gesloten tijd. De verwachting is dat 2017 kan dienen als voorbereidings- en overgangsjaar, en dat de eerste nieuwe gebieden in 2018 kunnen starten met decentraal aalbeheer.

NetViswerk gaat de markt op, zeggen de woordvoerders Albert Jan Maat en Jon Visser. ,,Wij willen ons als belangenorganisatie nadrukkelijk richten op de afzet. Onze vissers leveren echt dagverse vis. Een zeer onderscheiden product, dat wat ons betreft nooit in de bulk mag belanden. Ons ideaal is een app te ontwikkelen voor horecaondernemers met informatie over wat waar door wie is gevangen. Dat geeft meerwaarde. Fryske Iel is ons voorbeeld.’’