Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Geen blauwdruk voor introductie nieuwe visserijtechniek in Europa

Nadruk teveel op techniek en vergunningen

IJMUIDEN – Bij de transitie naar pulsvisserij als redding van de Nederlandse platvisvloot is te veel nadruk gelegd op techniek en het verwerven van vergunningen. Het is een belangrijke les die getrokken kan worden uit het onderzoek van student Tim Haasnoot (Leerstoelgroep Milieubeleid, Wageningen UR) naar het verloop van het transitieproces naar de innovatieve pulstechniek in de afgelopen twee decennia.

De introductie van de pulsvisserij in Nederland en Europa verloopt met horten en stoten, terwijl de weerstand in Europa tegen de (Nederlandse) pulsvisserij nog steeds groot is. Haasnoot (24) ging voor zijn eindscriptie na hoe en waarom de puls werd ontwikkeld, welke belangrijke tijdvakken kunnen worden onderscheiden, hoe de reacties waren en hoe de acceptatie van deze nieuwe visserijmethode verliep/verloopt. In een zonnig Katwijk geven Haasnoot en begeleidster vanuit IMARES Marloes Kraan toelichting op de scriptie met de lange titel ‘Lessons learned from the transition towards an innovative fishing technique. A case study on the introduction of the pulse trawl technique in the Dutch flatfish fishery’.

In 1988 kwam er een verbod op elektrisch vissen in Europa. Ook om praktische redenen heeft Haasnoot dat jaartal als startpunt genomen voor zijn onderzoek. De hoeveelheid artikelen over pulsvisserij in wetenschappelijke bladen, vakbladen en publiekstijdschriften is groot. ,,Gaandeweg zie je in Nederland de vooroordelen verdwijnen en de toon positiever worden. In het buitenland juist niet’’, aldus Haasnoot. Voor de scriptie werden 17 personen geïnterviewd die nauw betrokken zijn (geweest) bij de introductie van de pulsvisserij in Nederland. De keuze van deze ‘kernpersonen’ was in overleg met IMARES en is zo breed mogelijk gemaakt.

Wat als eerste duidelijk wordt volgens Haasnoot is dat er in Europa geen blauwdruk is voor de introductie van een nieuwe visserijtechniek. ,,Er is geen referentiekader, en kennis over vistuigen is er nauwelijks in Brussel. Wanneer weet je voldoende over de impact van een vistuig? De traditionele boomkor kan niet één op één vervangen worden door de puls. Introductie van de pulsvisserij lijkt nu een eindeloos proces te worden.’’

Een van de lessen die uit het onderzoek van Haasnoot getrokken kan worden is dat in de transitie de nadruk te veel op de techniek is gelegd. Marloes Kraan: ,,Terwijl het niet alleen om de techniek, vangbaarheid, innovatie en efficiëntie gaat, maar om verschillende sociale en politieke processen met meerdere belanghebbenden.’’ Woorden als innovatief en efficiënt zijn in Nederland toverwoorden als het om acceptatie van nieuwe technieken gaat, maar in landen als Frankrijk (waar begrippen als traditie en ambachtelijk ook heel belangrijk zijn) roepen ze ook weerstand op.

Nadruk teveel op techniek en vergunningenNadruk teveel op techniek en vergunningenDie weerstand bij andere landen werd nog eens versterkt door de enorme druk die onze overheid zette in Brussel om meer vergunningen uit te kunnen geven. Haasnoot: ,,Eigenlijk is de transitie naar de puls in Nederland heel snel gegaan. Nog in 2007 wilde de sector zich terugtrekken uit het proces. Tegelijkertijd werd er door middel van de Kenniskring Puls met de betrokken schippers, technische bedrijven en onderzoekers doorgewerkt aan het verbeteren van de techniek en onderzoek. Het kantelpunt kwam in 2010, toen het vooraanstaande visserijbedrijf Jaczon vier pulssystemen tegelijk bestelde. In de jaren daarna zette de transitie zich versneld door. In die jaren is men vooral bezig geweest met vergunningen en het overtuigen van andere landen van de voordelen van de puls en het belang ervan voor onze platvisvloot.’’

Steun

Nederland had meer steun moeten zoeken bij andere landen, meer moeten informeren en luisteren, is de overtuiging van Haasnoot en Kraan, en meer transparant moeten zijn over de lopende onderzoeken. In andere landen begint het proces nu pas. ,,Daar hebben ze vragen waar wij al lang het antwoord op weten’’, aldus Kraan. ,,Zo’n pulsdemodag zoals begin deze maand op Scheveningen en op de OD 1 hadden we natuurlijk vijf jaar geleden al moeten doen. Tim’s onderzoek heeft sterk bijgedragen aan het begrip bij overheid en sector over hoe we om moeten gaan met de puls. Transities kosten tijd, zo’n 40 jaar, en eigenlijk zijn we in Europa nog maar net begonnen.’’

De scriptie is gepresenteerd aan de Stuurgroep Puls en aan het Noordzee Adviescomité (NSAC, voorheen Noordzee RAC), die met grote interesse kennis hebben genomen van de lessen die uit het onderzoek getrokken kunnen worden.

Betrokken

Tim Haasnoot studeerde Aquaculture & Marine Resource Management in Wageningen. Omdat hij is opgegroeid in een visserij-omgeving en zich altijd betrokken heeft gevoeld bij de visserij (Tim is een kleinzoon van de Katwijker trawlerschipper Piet Haasnoot), wilde hij graag afstuderen met een visserij-onderwerp. Het werd de transitie naar de innovatieve pulsvisserij. Haasnoot mag zich nu Master of Science noemen. Zijn scriptie is te vinden op de website www.pulsefishing.eu. Haasnoot heeft inmiddels een baan. Per 1 september begint hij bij ProSea.