Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Lezing Amerikaanse professor op Duitse Visserijdag

Enorme invloed van watertemperatuur op verspreiding van vis

MAAGDENBURG – Watertemperatuur heeft een enorme invloed op de verspreiding van onder andere schol en tonijn. Aldus de Amerikaanse professor Myron Peck vorige week in een kernachtige lezing op de zogenoemde Duitse Visserijdag in Maagdenburg. Nederlandse visserijbestuurders waren present. VisNed-directeur Pim Visser doet verslag en trekt zelf ook conclusies. ,,De nutteloosheid van de scholbox is overduidelijk.’’

Er is de afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar veranderde verspreidingspatronen van vis. In veel van die onderzoeken is individueel het effect van watertemperatuur ook meegenomen. Maar een totaalplaatje over de effecten van klimaat en dus watertemperatuur ontbrak tot nu toe. Op de Duitse Visserijdag vorige week presenteerde de Amerikaanse professor Myron Peck van de Universiteit van Hamburg bevindingen over klimaat en visbestanden met elkaar in samenhang.

Achterom en vooruitkijken

Peck begon zijn presentatie met de verwijzing naar de vele collega-wetenschappers die al het basismateriaal voor zijn presentatie hadden verzorgd. Daarbij viel het op hoe veel referentie hij maakte naar de Noordzeesituatie en ook naar schol.

Door terug te kijken naar het temperatuurverloop en de verspreiding van vissoorten kan veel geleerd worden over de invloed van zeewatertemperatuur daarop. Daardoor kan ook naar de toekomst gekeken worden. Het historisch overzicht liet zien dat temperatuursverloop invloed op visbestanden en visserij heeft gehad. De aanwezigheid van grote tonijnen in de Noordzee (en het weer verdwijnen ervan) loopt bijvoorbeeld parallel met het temperatuurverloop. Er wordt (meestal door ngo’s en activistische wetenschappers) vaak verwezen naar die ‘goeie ouwe tijd’, compleet met schilderijen van weelderige vistafels en oude foto’s. Ook wordt dan meteen de link gelegd naar visserij en (over)bevissing. Maar de invloed van de watertemperatuur noodzaakt tot een genuanceerdere benadering van zogenaamd voor de hand liggende oorzaken (dat geldt voor alle deelnemers aan het debat overigens).

Peck liet zien dat er vanaf de tweede helft van de 19e eeuw steeds perioden van warmer en kouder water geweest zijn. Perioden van zo’n dertig jaar. Anno nu zitten we in een periode van warmer Noordzeewater, nu een periode met de hoogste waarden die in de tijdserie zijn gemeten. Net zoals de waarden die begin jaren ’70 van de vorige eeuw de laagste waren. In een aantal dia’s liet Peck daarna zien dat deze temperatuurverschillen grote gevolgen hebben. Zowel op pelagische soorten als op bodemvissen. Maar liefst 72 procent van alle vissen reageert erop. Bij temperatuurstijging leidt dat tot verschuivingen noordwaarts richting de pool. Die verplaatsingen verschillen per soort van ongeveer 50 tot 450 kilometer. Bodemvissen zoeken per tien jaar gemiddeld 3,6 meter dieper water op. Dat betekent dat ze sinds 1985 op ongeveer 10 meter dieper water leven. Maar die verschuivingen zijn niet gelijkmatig verdeeld. En er is dan ook nooit één bepalende factor die veranderingen verklaart, er is altijd een combinatie. Maar er is wel alle aanleiding voor de stelling dat veranderende watertemperatuur een belangrijke factor is, misschien wel nadrukkelijker van belang dan tot nu toe aangenomen.

Scholbox

Die verplaatsing van vis naar dieper (kouder) water kan ook voor een (belangrijk) deel het uitblijvend succes (sommigen zeggen debacle) van de scholbox verklaren. Nederlands onderzoek uit 2007 toonde dat aan (toen al!). Schol is (ook) ‘out of the box’ gegaan, omdat het hen populair gezegd te heet onder de vinnen werd. En wellicht is veranderde watertemperatuur ook wel één van de factoren die de al heel lang verslechterde visserijsituatie in de kustzone verklaart. Volop reden dus om meer (veel meer) aandacht te hebben voor de invloed van watertemperatuur op de verspreidingspatronen van vis.

CERES-project

Om aan de vele vragen over de klimaateffecten op het zeeleven en met name vis een antwoord te geven is onder leiding van de Universiteit van Hamburg het Europese project ‘CERES’ in uitvoering (www.ceresproject. eu). Het is een zogenaamd Horizon2020 project, de Europese regeling voor het financieren van grootschalig wetenschappelijk onderzoek. Daarin werken acht universiteiten, elf onderzoeksinstituten en zeven visserijorganisaties samen. Vanuit Nederland zijn dat WMR en WecR, de PFA en VisNed. Op 21 januari 2020 organiseren de Nederlandse partners in Amsterdam de afsluitende bijeenkomst van CERES.

In het CERES-project wordt reeds beschikbare en nieuwe kennis gebruikt om de economische en ecologische en sociaal-economische gevolgen van klimaatverandering in beeld te brengen. Het betrekken van stakeholders in dit proces is van groot belang. Kennis en ervaring van vissers is essentieel. Maar ook worden alle mogelijke klimaatmodellen gebruikt om de gevolgen voor visserij inzichtelijk te maken. Daarbij wordt de historische trend tot nu toe doorgezet.

Die rekenmodellen (het blijven modellen) geven allemaal een beeld van steeds verder noordwaarts (ver)trekkende vis. Kabeljauw en schol zijn daarvan een voorbeeld. Maar er komt heek en mul en zeebaars en inktvis voor terug. Een trend die overigens al langer wordt waargenomen. Met de scenario’s van steeds verder (noordwaarts) wegtrekkende traditionele vissoorten moet voor toekomstig beleid nadrukkelijk rekening gehouden worden.

Andere effecten van veranderend klimaat

De lezing van Myron Peck was bedoeld voor een breed Duits gehoor, van zeevissers, binnenvissers, sportvissers en viskwekers. Daarom besteedde hij ook aandacht aan de invloed van de (fellere) hittegolven en veranderde windrichting en stormpatronen. Er is immers sprake van meer extreem weer. Zo kende de rivier de Elbe in Maagdenburg in de afgelopen 10 jaar (na 70 jaar) twee enorme (en rampzalige) hoogwaterpieken en overstromingen. Terwijl er dit jaar sprake is van een extreem lage waterstand.

Ook hebben de Duitse viskwekers (met vijvers) vorig en dit jaar veel last van de gevolgen van de recente hittegolven (net als onze handkokkelvissers). Daarentegen was bijvoorbeeld het seizoen 2013/2014 het stormachtigste sinds 66 jaar en lijkt de dominante positie van zuidwestelijke windrichtingen onder druk te staan.

De toekomst

Al die snel veranderende omstandigheden zijn er ook oorzaak van dat de wetenschappers van VisNed en de PFA een project voorbereiden om geautomatiseerd meer gegevens te gaan verzamelen over wind, luchtdruk, watertemperatuur etc. etc. Om zo uiteindelijk een grote database met gegevens beschikbaar te krijgen van waaruit een beeld verkregen kan worden van de sterk veranderende omgeving waarbinnen de vissers op zee hun werk doen. En om informatie te verstrekken op basis waarvan vissers hun beslissingen kunnen nemen.

Van oude vaste waarden en veronderstellingen is geen sprake meer. Dat maakt verklaren en voorspellen steeds lastiger en bedadrukt de noodzaak om goed saden te werken en veel gegevens beschikbaar te hebben om die in bruikbare informatie om te zetten.

Tonijnaanvoer in Scarborough (1938), met in de tabellen temperatuur/drukschommelingen ten opzichte van het gemiddelde.Tonijnaanvoer in Scarborough (1938), met in de tabellen temperatuur/drukschommelingen ten opzichte van het gemiddelde.

Schol binnen en buiten de scholbox in de jaren 1990 en 2002. De grafiek laat zien dat een steeds groter percentage van de schol naar dieper water trekt.Schol binnen en buiten de scholbox in de jaren 1990 en 2002. De grafiek laat zien dat een steeds groter percentage van de schol naar dieper water trekt.

Acht universiteiten en elf onderzoeksinstituten doen onder leiding van de Universiteit van Hamburg onderzoek naar de effecten van klimaatveranderingen op vis.Acht universiteiten en elf onderzoeksinstituten doen onder leiding van de Universiteit van Hamburg onderzoek naar de effecten van klimaatveranderingen op vis.

De winnaars op de Noordzee: inktvis, heek, mul, zeebaars, ansjovis en ook zonnevis.De winnaars op de Noordzee: inktvis, heek, mul, zeebaars, ansjovis en ook zonnevis.