Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.

EC vermoedt verboden kartel Noordzeegarnalen

BRUSSEL - De Europese Commissie (Antitrust) vermoedt dat vier handelaren in Noordzeegarnalen de EU-concurrentieregels hebben overtreden.

Vorige week heeft de EC de verdachte bedrijven op de hoogte gebracht van het voorlopige standpunt en een zogeheten 'mededeling van punten van bezwaar' verzonden. ,,De Commissie vreest dat deze ondernemingen misschien hebben samengespannen om prijzen af te spreken en om markten en afnemers onder elkaar te verdelen. Deze praktijken zouden minstens in Nederland, Duitsland, Frankrijk en België spelen. Het feit dat een mededeling van punten van bezwaar uitgaat, zegt nog niets over de definitieve uitkomst van het onderzoek'', aldus de EC in een publieke verklaring.

In maart 2009 heeft de EC onaangekondigde inspecties uitgevoerd bij een aantal producenten van Noordzeegarnalen. In deze fase van de procedure geeft de EC de namen van de ondernemingen niet vrij, omdat zij de rechten van verdediging wil beschermen en het vermoeden van onschuld wil garanderen.

De invallen in maart 2009 vonden destijds plaats in Nederland, Duitsland en Denemarken, onder andere bij de Nederlandse garnalenhandelaren Klaas Puul (op het Deense eiland Rømø) en Heiploeg (in Zoutkamp en de inmiddels gesloten vestigingen in Volendam en ook Rømø). Heiploeg had afgelopen maandag formeel nog niets vernomen van de EC, Puul laat de woordvoering over aan de advocaat.

Ook Puul had de 'punten van bezwaar' nog niet ontvangen, maar advocaat mr. Martijn van de Hel van Boekel de Nerée verwachtte die wel. Van de Hel staat Puul al langer bij inzake mededingingsrecht. De raadsman verklaart namens Puul dat het eindoordeel van de EC met vertrouwen tegemoet wordt gezien, dat actief is meegewerkt aan het onderzoek en dat gebroken is met kartelgedrag uit het verleden.

Achtergrondinfo procedure
Een mededeling van punten van bezwaar is een formele stap in onderzoeken van de EC waarin er verdenkingen bestaan dat EU-regels inzake beperkende zakelijke praktijken zijn overtreden. De EC deelt de betrokken partijen schriftelijk mee op welke punten zij bezwaren heeft. De ondernemingen kunnen daarna het onderzoeksdossier van de EC inzien en schriftelijk reageren. Ook kunnen zij om een hoorzitting vragen om de zaak aan vertegenwoordigers van de EC en de nationale mededingingsautoriteiten uiteen te zetten.

Wanneer de EC tot de conclusie komt dat er voldoende bewijsmateriaal is om een inbreuk hard te maken kan er een geldboete wordt opgelegd. Deze geldboete mag maximaal tien procent van de wereldwijde jaaromzet van een onderneming bedragen. Een onderneming kan echter ook boete-immuniteit krijgen als zij als eerste met informatie komt over een kartel. Zij kan haar boete ook verlaagd zien omdat zij bewijsmateriaal heeft geleverd.
De nationale mededingingsautoriteiten in Europa en de Europese Commissie hebben de voedingsmiddelensector uitgekozen als een van de sectoren die voorrang krijgt in hun handhavingsbeleid.