Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Afronding project Netinnovatie Kottervisserij deel 2

Dubbele kuilen voor selectiever vissen

URK - Een brede groep van vissers, nettenmakers, onderzoekers en sectorvertegenwoordigers heeft de afgelopen jaren vervolgonderzoek gedaan naar betere selectiviteit in de tong-, schol-, langoustine- en flyshootvisserij; het zogenoemde project Netinnovatie Kottervisserij deel 2. Dit project is nu ten einde, de subsidieverantwoording ligt ter beoordeling bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en het 161 pagina’s tellende wetenschappelijke rapport is afgerond door Wageningen Marine Research (WMR) en het Instituut voor Landbouw en Visserij Onderzoek (ILVO). Wat heeft het project opgeleverd?

Projectleider Brita van den Dries-Trapman (Nederlandse Vissersbond) geeft een samenvatting.

Het project kende een moeizame start. Het was 2016 en veel innovatieve visserijbedrijven en sectororganisaties hadden net terugvorderingen ontvangen van de overheid omdat eerder goedgekeurde subsidies waren afgekeurd door Brusselse ambtenaren. Vissers zagen het even niet zitten om hun nek uit te steken, sectororganisaties waren voorzichtig met het doen van risicovolle uitgaven en door de overheid werd elke uitgegeven euro kritisch bekeken. In de loop van het project groeide het vertrouwen weer en werd er veel werk verricht.

Goede en slechte ontwikkelingen beïnvloedden de uitvoering van het project. Zo werden betrokkenen tijdens de looptijd van het project wijzer over het gedrag van tong in het net omdat er in het project ‘Platvis in beeld’ onderwaterbeelden werden gemaakt vanaf de BRA 5 en de TH 10. Deze kennis kon gebruikt worden voor nieuwe experimentele netontwerpen, zoals het touwtjespaneel voor de tongvisserij op de TX 36. Bij dit touwtjespaneel wordt ingespeeld op het gedrag van tong die in netten vaak onderin op zoek gaat naar een uitgang. Het te betreuren pulsverbod zette de projectgroep in samenwerking met visserij-ondernemers aan tot het uitvoeren van experimenten met luchtdruk als alternatieve visserijmethode.

Lichtjes in flyshootvisserij

Om meer inzicht te krijgen in de werking van het flyshoottuig in interactie met de vis maakte het ILVO met behulp van go-pro’s onderwateropnamen vanaf de SCH 135. De beelden zijn verschillende keren in Stellendam besproken met een groep flyshootschippers en daarna zijn opnieuw beelden gemaakt. De tweede en derde keer met een ontsnappingspaneel met vierkante mazen boven in het net en lichtjes en touwtjes die als doel hadden om ondermaatse vissoorten richting het paneel te sturen.

Experiment met de flyshooter SCH 135 met lichtjes om ondermaatse vis richting ontsnappingspaneel met vierkante mazen te leiden.Experiment met de flyshooter SCH 135 met lichtjes om ondermaatse vis richting ontsnappingspaneel met vierkante mazen te leiden.

Uit de beelden bleek dat het ontsnappingspaneel bijdraagt aan een reductie tot wel 48% ondermaatse wijting. De touwtjes brachten hierin geen verbetering. De lichtjes mogelijk wel, maar de resultaten zijn nog te beperkt om daar zeker van te zijn. Het ILVO ziet mogelijkheden voor vervolgonderzoek om te kijken of de bijvangst van ondermaatse wijting verder verlaagd kan worden. Bijvoorbeeld door het vergroten van het ontsnappingspaneel en verdere experimenten met verschillende kleuren licht.

Tongvisserij

In de tongvisserij zijn verschillende ontwerpen getest door de TX 36, de BRA 5, de BRA 7, de GO 23 en de TX 94. Beschrijvingen van deze testen verschenen eerder in Visserijnieuws. De grote uitdaging om in de boomkor- of de pulsvisserij de selectiviteit te verbeteren is om de smalle flexibele tong te scheiden van andere soorten zodat de tong in een kuil met 80 mm mazen komt en andere soorten in een kuil met wijdere mazen waaruit de ondermaatse vissen kunnen ontsnappen.

De verschillende ontwerpen zijn tijdens een slotbijeenkomst in maart 2019 op Texel besproken met een brede groep betrokkenen uit de tongvisserij. Het ontwerp waarvan de aanwezigen het de moeite waard vonden om verder mee te experimenteren is de pulse-selector met borstelpees van de BRA 7, bedacht door Dirk Kraak. Bij dit ontwerp drijft een borstelpees, bevestigd vóór het pulsveld, de soorten anders dan tong via een tunnel in het net in een aparte kuil. De tong wordt vervolgens door het pulsveld opgeschrikt en komt in de gewone kuil terecht. Uit een gering aantal tests bleek dat er geen vangstverlies van marktwaardige tong optrad maar wel de gewenste selectie tussen tong en andere soorten. Er zijn meer tests nodig om te kijken of deze resultaten stand houden.

Jacob Nentjes en Kees Koffeman van de ST 27, de Visserijcoöperatie Urk en WMR-onderzoeker Pieke Molenaar onderzochten in het Visserij-innovatiecentrum te Stellendam hoe platvissen reageren op perslucht, in de hoop dit te kunnen gebruiken voor een nieuwe visserijmethode. In de gebruikte testopstelling reageerden de vissen helaas amper op de luchtbellen.

Noorse kreeft

Voor de visserij op Noorse kreeft is gewerkt aan de doorontwikkeling van het SepNep, bedacht door oud-visserman en nettenmaker Cees van Eekelen (WR 189/WR 289). Dit net maakt een scheiding tussen Noorse kreeft en de overige vangst. Beide fracties komen in aparte kuilen, de Noorse kreeft in de onderste kuil met een maaswijdte van 80 mm en de vis in de bovenste kuil met een maaswijdte van 120 mm zodat ondermaatse vissen kunnen ontsnappen. Gedurende de projectperiode is dit netontwerp opgenomen in de regelgeving, gebruikers van dit net krijgen een uitzondering op de verplichting om ondermaatse schol aan te landen.

Waar bij het SepNep de vangst gescheiden wordt door middel van een paneel gemaakt van netwerk, gebeurt dit bij een selectief netontwerp uit Zweden door middel van een sorteerrooster, het ‘Swedish grid’. Net als bij het SepNep worden de vis enerzijds en de Noorse kreeft anderzijds opgevangen in een aparte kuil. Binnen het project is gewerkt aan de Nederlandse toepassing van het Swedish grid op de WR 274 van John-Mark Zomerdijk. De eerste resultaten laten zien dat een deel van de ondermaatse soorten in de bovenkuil komt. In een vervolgproject zal onder wetenschappelijke begeleiding met een wijde bovenkuil getest worden en zal er gewerkt worden aan het verbeteren van de stabiliteit van het grid.

In april 2018 heeft een brede delegatie vissers en nettenmakers een reis gemaakt naar Zweden om daar resultaten uit netinnovatie-onderzoek uit te wisselen. Met name voor de langoustinevisserij was dit een vruchtbaar bezoek omdat er in Zweden ook veel innovatie wordt verricht in deze visserij.

Kreeftjesnet met sorteerrooster, het Swedish grid.Kreeftjesnet met sorteerrooster, het Swedish grid.

Scholvisserij

Gedurende de hele looptijd van het project zijn nettenmakers, vissers en onderzoekers geconsulteerd met de vraag of zij ideeën hadden voor selectiviteitsverbetering in de gerichte scholvisserij. Rog kwam naar voren als de belangrijkste soort om op te focussen bij het ontwikkelen van selectieve ontwerpen. Het lastige is echter, dat andere platvissen van een vergelijkbaar formaat, tarbot en griet, wel gewenst zijn in de vangst en een belangrijk deel van de besomming uitmaken.

Er kwamen geen ontwerpen naar voren die rog zouden kunnen kwijtraken en tarbot en griet vasthouden. Ook navraag bij buitenlandse onderzoekers en literatuuronderzoek leverde geen ideeën op die voldoende kansrijk werden geacht om op zee uit te proberen. In het overlevingsonderzoek werd ondertussen de kans op overleving van verschillende roggensoorten relatief hoog ingeschat (mits ze snel teruggezet worden in zee) wat voorlopig heeft geresulteerd in een uitzondering op de verplichting om ondermaatse roggen aan te landen.

Gedurende de looptijd van het project kon echter wel al selectiviteitswinst geboekt worden in de praktijk. Waar voorheen regelgeving het voor een groot deel van de scholvissers onmogelijk maakte om wijder te vissen omdat er te weinig zeedagen beschikbaar waren, werd dit aangepast waardoor de regels geen belemmering meer vormden om een net met mazen wijder dan 119 mm te gebruiken in de gerichte visserij op schol met de boomkor.

Verder brengen resultaten in nieuw project

Het wetenschappelijke eindrapport van het project is te vinden op de website van WMR en de Nederlandse Vissersbond. Het overlevings- en selectiviteitsonderzoek wordt intussen voortgezet in een nieuw project: Onderzoekssamenwerking Selectiviteit en Overleving. Dit project wordt gezamenlijk door Wageningen Marine Research, de Nederlandse Vissersbond en VisNed uitgevoerd. Vissers en andere betrokkenen met ideeën voor netontwerpen die de selectiviteit of de overlevingskans van de vangst vergroten kunnen zich melden bij hun PO.

Bedankt!

Als projectleider bedank ik alle betrokken vissers, nettenmakers en onderzoekers voor hun inzet en voor de fijne samenwerking en de Nederlandse, Duitse en Belgische overheden voor het verlenen van toestemming voor het vissen met experimentele ontwerpen.


Het eindrapport van Netinnovatie Kottervisserij deel 2 is te downloaden via: https://library.wur.nl/WebQuery/wurpubs/551225.

Het project Netinnovatie Kottervisserij deel 2 werd namens de kottersector uitgevoerd door de Nederlandse Vissersbond en het werd gesteund vanuit het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij (EFMZV).

Europese Unie, Europees Fonds voor Maritieme Zaken en VisserijEuropese Unie, Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij