Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Platform Onderzoekssamenwerking

De schol is er wel, maar zit elders

UTRECHT – ‘Wil je het schol-advies omhoog krijgen, ga dan op oudere schol vissen’. Een veelzeggende stelling afgelopen zaterdag op een door het Platform Onderzoekssamenwerking (OSW) georganiseerde informatiedag in Utrecht, waar vissers en wetenschappers zich bogen over de vraag ‘Waar is de schol?’. Ook de puls kwam aan de orde. Volgend jaar zal er naar verwachting een wetenschappelijk onderzoeksrapport liggen dat zal aantonen dat de puls geen negatieve effecten heeft. ,,Maar dan moet er geen enkel los draadje zijn...’’, aldus onderzoeksleider Adriaan Rijnsdorp.

De grote vraag...De grote vraag...

Een select gezelschap had zich afgelopen zaterdag verzameld in het Van der Valk Hotel in Utrecht voor een zogenoemde OSW-dag. In het Platform OSW, dat wordt gefinancierd uit het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij, werken sector, wetenschap en ngo’s samen aan duurzaam visserijbeheer. Er waren in Utrecht vooral vissers uit de zuid, uit Urk en van Texel. Belangrijkste vragen: ‘Herkennen de vissers zich in de voorlopige resultaten van het grote pulsonderzoek?’ en ‘Waar is de schol gebleven?’.

De voor Nederland zo belangrijke schol houdt de gemoederen danig bezig. De wetenschap stelt dat er meer schol is dan ooit, toch is er een lager advies voor schol-TAC afgegeven en, nog opvallender, de vissers kunnen al die schol niet vinden. Dat laatste werd zaterdag al wat genuanceerd; met de overgang van puls naar de traditionele bokkenvisserij zal er naar verwachting weer meer schol aangevoerd gaan worden, en er wordt in de noord momenteel best goed (grove) schol gevangen.

Adriaan Rijnsdorp is al gepensioneerd, maar nog druk bezig met de afronding van het pulsonderzoek.Adriaan Rijnsdorp is al gepensioneerd, maar nog druk bezig met de afronding van het pulsonderzoek.

Onderzoeker Tobias van Kooten van Wageningen Marine Research (WMR) toonde met cijfers en kaartjes aan dat de toename van de schol reëel is, maar dat die toename vooral de oudere schol betreft (zeven jaar en ouder). In de vangsten van de Nederlandse kotters is dat niet te zien. Die vangen vooral kleinere schol, van 3 en 4 jaar, ook de twinriggers. Die kleine schol groeit tegenwoordig minder hard en wordt magerder. Dat het overgrote deel van de scholvisserij focust op de jongere schol is volgens Van Kooten de belangrijkste reden dat ICES heeft geadviseerd de schol-TAC te verlagen: ,,Als de TAC omhoog zou gaan, zou die jongere vis overbevist worden.’’

Tegenwind

De grote schol wordt momenteel in feite onderbevist. Maar waar zit die schol dan? Uit de kaartjes blijkt overduidelijk waar die oudere schol zit: in de noord en vooral het noordwesten. Terug naar de jaren zestig? Krijgen die Schotten met de Brexit naast alle haring en makreel nu ook alle schol in hun wateren? Om de TAC weer omhoog te krijgen zouden de Nederlandse vissers op oudere schol moeten gaan vissen en hun visgronden dus moeten verleggen richting west en noord. Wie de schoen past trekke hem aan, maar voor de meeste aanwezige kottervissers blijkt de Schotse oostkust nog net even te ver. Een optie is ook om selectiever, met grotere mazen, op schol te vissen.

Wouter van Broekhoven (VisNed), en Tobias van Kooten en Nathalie Steins (in speciaal schol-shirt) van WMR.Wouter van Broekhoven (VisNed), en Tobias van Kooten en Nathalie Steins (in speciaal schol-shirt) van WMR.

De tegenwind waar de Nederlandse visserij mee te kampen heeft is nog nooit zo sterk geweest als nu, maar de bijeenkomst in Utrecht verliep in een opvallend positieve sfeer. Het lijkt er ook op dat visserij en wetenschap waar het de puls en de schol aangaat op dezelfde golflengte zitten. Van de vissers kwamen allerlei mogelijke verklaringen en vooral veel vragen over de schol-kwestie:

  • Heeft de teruggang van de schol in de zuid te maken met de droge zomers in de periode 1995-2005?
  • Komt het door de hogere zeewatertemperatuur dat er minder voedsel is en dat de schol minder groeit?
  • Wordt de trek van de schol beïnvloed door de windmolens?
  • Hebben de kabels op de zeebodem invloed?
  • Hoe zit het met de diverse scholpopulaties op de Noordzee, doet de Schotse component het beter?
  • Moet ook de schol per unit beheerd gaan worden (net als de kreeftjes)?
  • Vissers rond de scholbox worden steeds vaker geconfronteerd met zure, stinkende grond in de box.
  • Er moeten (meer) surveys in en om de scholbox gedaan worden.

 Vissers van Texel, het hart van de pulsvisserij, praten na met Adriaan Rijnsdorp. Vissers van Texel, het hart van de pulsvisserij, praten na met Adriaan Rijnsdorp.

Zachtere bodem

Het Europees verbod op de pulsvisserij is een mokerslag voor de kottersector. De resultaten van het ‘grote’ pulsonderzoek verschijnen echter pas volgend jaar. Adriaan Rijnsdorp is al gepensioneerd, maar heeft het nog druk met dit onderzoek. Hij gaat uit van een positieve uitkomst en hoopt dat daarmee de deur voor de puls op een kier gehouden kan worden. Gezien de enorme Europese weerstand tegen de pulsvisserij moet het onderzoek onweerlegbaar zijn. ,,Er mag echt geen enkel los draadje zijn’’, aldus Rijnsdorp.

In Utrecht werden enkele voorlopige resultaten van het puls-logboekonderzoek gepresenteerd, met de vraag of vissers zich hierin konden herkennen. De verspreiding van de visserij is door de puls niet spectaculair veranderd, maar op detailniveau was wel een verandering te zien. De pulsvisserij concentreert zich op de stroken met zachtere bodem. De vissers konden dat beamen. Duidelijk is dat pulsvissers (veel) meer tong vangen en minder schol, en ook dat het pulstuig minder diep in de bodem graaft en minder opwervelingen veroorzaakt dan een boomkortuig met wekkerketting.

Het blijkt dat een pulskotter langer op hetzelfde visbestek blijft dan een bokker, en dat in die tijd het vangstsucces minder snel afneemt. Volgens de vissers blijft de tong ‘springen’ door de puls, ook als die tien of twintig keer de prikkel krijgt. Bij herhaalde confrontatie met een boomkortuig zal de tong zich alleen maar dieper ingraven. Hoe diep kan die tong zich eigenlijk ingraven? Tot 20 centimeter, of nog meer? ,,Dat moeten jullie weten als biologen!’’

 Een aandachtig gehoor van zuienaars, Urkers en een Wieringer op een constructieve bijeenkomst. Een aandachtig gehoor van zuienaars, Urkers en een Wieringer op een constructieve bijeenkomst.

Complimenten

Er is in de kustzone weinig tong meer te vangen. Komt het door de puls? Er moet in ieder geval iets loos zijn, want volgens vele vissers is er geen staart meer te vangen in de kustwateren, en niet alleen in Nederland. Meer onderzoek is gewenst. Rijnsdorp wacht nog op de resultaten van een kleinschalige proef waarbij in juni dit jaar door de WR 189 met aangepaste garnalentuigen precies in het kielzog van de pulskotter SC 25 werd gevist.

De vissers kregen in Utrecht complimenten dat ze steeds zijn blijven meedoen aan onderzoeken. ,,Ondanks Bloom.’’