Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Bedrijfssurvey gaat vierde jaar in

UK 45 en OD 1 doen weer onderzoek op zee

IJMUIDEN – Deze maand wordt voor de vierde keer de bedrijfssurvey uitgevoerd. Wanneer de bedrijfssurvey minimaal vijf jaar achtereen is uitgevoerd, zouden deze gegevens door ICES als aanvullende informatie voor de bestandsschattingen voor tong en schol gebruikt kunnen worden. VisNed is hoofdaanvrager van het project Bedrijfssurvey, dat wordt gefinancierd door het Europees Visserij Fonds (EVF). Karin van der Reijden (IMARES: uitvoering onderzoek) en Marieke Verweij (ProSea: mede-projectaanvrager) lichten de planning voor 2014 toe en geven een korte terugblik op de resultaten tot nu toe.

De bedrijfssurvey is een initiatief vanuit de visserijsector, bedoeld als aanvulling op de wetenschappelijke surveys. Deze surveys meten het vangstsucces; gegevens die belangrijk zijn om, samen met andere gegevens, de omvang van de visbestanden in de Noordzee te kunnen schatten (zie kader).

Tijdens de bedrijfssurvey worden -in dezelfde periode als de boomkorsurvey met onderzoeksschepen- door twee commerciële schepen (de OD 1 en de UK 45) in vooraf bepaalde ICES-kwadranten 84 wetenschappelijke trekken van een half uur uitgevoerd. Vervolgens worden de schol- en tongvangsten allemaal doorgemeten (lengte) en van een selectie van de vissen worden de gehoorsteentjes (otolieten) verzameld. Aan de hand van de otolieten kan de leeftijd van de vis worden bepaald. Met behulp van de berekende lengte/leeftijd-relatie worden alle vissen hierna op leeftijd geschat. Uiteindelijk resulteert dit in twee vangstsuccesseries (een van de pulskor OD 1 en een van het boomkorschip UK 45) waarbij per vissoort en leeftijdsgroep wordt berekend hoeveel vissen er per uur worden gevangen.

Uitvoering 2014
Foto: Marcel CosterFoto: Marcel CosterDit jaar worden dezelfde kwadranten bevist als vorig jaar (zie figuur 1). De OD 1 (weken 33-34; 11-22 augustus) richt zich voornamelijk op de zuidelijke Noordzee, terwijl de UK 45 (weken 34-35; 18-29 augustus) vanaf de Doggersbank richting de Duitse Bocht zal vissen.

De kwadranten 37F6 en 37F7 worden door de UK 45 bemonsterd in een aparte week, zonder waarnemer aan boord. Deze kwadranten zijn in 2012 toegevoegd aan het protocol, vanwege de belangrijke visgronden die in dit gebied liggen. Uiteraard worden de gegevens die hier worden verzameld ook meegenomen in de vangstsuccesseries.

Een verandering ten opzicht van vorige jaren is de toevoeging van een aantal gezamenlijke trekken. In de kwadranten 34F3, 35F3 en 36F3 doen beide schepen twee trekken tegelijkertijd. Hierdoor bestaat de mogelijkheid om het vangstsucces van beide schepen met elkaar te vergelijken, waardoor de vangstsuccesseries kunnen worden gecombineerd en er één grote serie komt voor de gehele Noordzee. Dat is voor ICES een belangrijke voorwaarde om de gegevens uiteindelijk in de bestandsschattingsmodellen te kunnen gebruiken. Komend najaar zal de gebruikelijke informatiebijeenkomst over de bedrijfssurvey niet plaatsvinden. Wel zal er via andere manieren (VisNed-nieuwsbrief en Visserijnieuws) worden bericht over de uitkomsten van dit surveyjaar.

Terugblik
Omdat de bedrijfssurvey inmiddels drie jaar gegevens heeft verzameld, is het mogelijk om een kleine terugblik te geven. Hier worden nog geen grafieken van tijdsseries van het vangstsucces van de bedrijfssurvey-schepen getoond, want in een tijdserie van slechts drie jaar valt nog niet met zekerheid een echte trend (verandering) te zien. De (voorlopige) vangstsuccesseries van de UK 45 en de OD 1 zijn wel vergeleken met de vangstsuccesseries van de wetenschappelijke surveys; BTS Isis (Tong) en de BTS Isis en Tridens (Schol) (BTS = Beam Trawl Survey). Daaruit bleek dat de commerciële schepen zoals verwacht minder 0-jarige vissen vangen dan de surveys, maar tot een vijfvoud meer van oudere leeftijdsgroepen.

De gegevens van de bedrijfssurvey hebben duidelijk een meerwaarde, bijvoorbeeld:
•     Door de hogere vangsten van oudere schol en tong geeft de bedrijfssurvey een betrouwbaarder beeld van de trends in de schol- en tong -populaties dan de onderzoeksschepen dat doen.
•  Een deel van de trekken van de bedrijfssurvey vindt plaats in de zuidelijke Noordzee, een belangrijke visgrond voor tong. De BTS doet hier geen trekken. Een gedeelte van de tongpopulatie wordt dus niet (goed) gedekt door de BTS, maar wel door de bedrijfssurvey.

Toekomst
De Nederlandse bedrijfssurvey is redelijk uniek in de wetenschappelijke wereld. Deze survey is opgezet als een wetenschappelijke survey, maar in nauwe samenwerking met de visserijsector. Daarnaast is in het protocol vastgelegd dat de schippers invloed hebben op de vislocaties: Binnen elk kwadrant kiezen zij voor de helft van de geplande trekken het startpunt. Waar sommige andere landen ook gebruik maken van commerciële vissersschepen tijdens de wetenschappelijke survey (zoals Engeland doet tijdens de Kanaal-survey voor schol en tong), hebben de vissers in deze surveys niet zoveel invloed op het protocol als de schippers in de Nederlandse bedrijfssurvey. Andere commerciële surveys waarbij vissers de startposities bepalen bestaan wel, zoals de Deense REX-survey op kabeljauw (zie kader).

Onze bedrijfssurvey is tot stand gekomen middels een nauwe samenwerking tussen de visserijsector en IMARES (die ook nauw met ICES communiceert). De survey volgt een vast protocol en heeft een grote Noordzee-dekking. Daarnaast heeft de bedrijfssurvey een toegevoegde waarde doordat de vangstsuccesseries van vooral de oudere tong en schol betrouwbaarder worden en er meer gegevens worden verzameld in de zuidelijke Noordzee. Nadat dit jaar en volgend jaar op dezelfde manier de bedrijfssurvey wordt uitgevoerd als de afgelopen drie jaren, ontstaat er een betrouwbare vangstsuccesserie van vijf jaar waar ICES eigenlijk niet om heen kan. Hopelijk zal ICES dan besluiten om de gegevens van de bedrijfssurvey mee te nemen in de bestandsschatting van tong en schol in de Noordzee.

Vangstsucces als maat voor de visstand
Met het vangstsucces wordt de vangst per eenheid inspanning bedoeld, bijvoorbeeld kilo’s schol per trek. Het vangstsucces kan veranderingen in de visstand in de Noordzee betrouwbaar weerspiegelen wanneer schepen mooi verspreid over de hele Noordzee vissen en wanneer schepen ieder jaar even efficiënt vissen. Daarom blijft bij een onderzoeksschip het vistuig, de snelheid en de tijd van het jaar wanneer er gevist wordt, gelijk. Wanneer een onderzoeksschip in een bepaald jaar twee keer zoveel vis vangt voor dezelfde hoeveelheid inspanning als in het jaar daarvoor (dus een dubbel zo hoog vangstsucces heeft), is het waarschijnlijk dat er twee keer zo veel vis in zee zit als het jaar daarvoor. Zo ontstaat er een tijdserie die gebruikt kan worden als onderdeel van de bestandsschatting.

Ook het vangstsucces in een bedrijfssurvey, uitgevoerd door commerciële schepen, kan een betrouwbare relatieve maat voor de visstand opleveren. Een bedrijfssurvey betekent, net als met de onderzoeksschepen, vissen volgens een vast schema, maar dan met commerciële schepen en met tuig dat meer is afgesteld op de vangst van maatse schol en tong. Het gebruiken van de gegevens van een bedrijfssurvey in de bestandsschatting zal niet per definitie zorgen voor een hogere uitkomst van de visstand, ook al vangt een bedrijfsschip gemiddeld meer kilo’s vis per trek dan een onderzoeksschip. Immers, bij het gebruiken van het vangstsucces als maat voor de visstand, gaat het niet om het aantal kilo’s, maar om relatieve veranderingen in die aantallen kilo’s (toe- of afname) van jaar op jaar.

Het meten van het vangstsucces, door wetenschappelijke schepen en door visserijschepen, is dus een belangrijk onderdeel van de bestandsschatting, maar is niet de enige informatie waar de bestandsschatting op gebaseerd is.
Meer informatie: download de brochure ‘Hoe werkt een bestandsschatting?’ op www.prosea.info (onder ‘fishing’)

Deense REX-survey op kabeljauw
Deze survey werd gestart na twijfels van de visserijsector op de vangstsuccesreeksen van de wetenschappelijke survey IBTS (International Bottom Trawl Survey). De IBTS heeft een tuig waarmee voornamelijk op zachte bodems wordt gevist. Ruwe en harde ondergronden zijn voor dit tuig ongeschikt, terwijl de vissers juist daar de meeste kabeljauw vangen. Dat zou betekenen dat de IBTS waarschijnlijk een onderschatting geeft van de kabeljauw populatie grootte.

De REX survey werd opgezet om met commerciële tuigen het vangstsucces te bepalen van kabeljauw op harde ondergrond. Ter vergelijking zijn met dezelfde tuigen ook trekken gedaan op zachte ondergrond. Inderdaad was de vangstsucces hoger in trekken op harde ondergrond. Dit verklaart ook meteen de grote verschillen in vangstsucces tussen de IBTS en de REX.

Toch gebruikt ICES deze survey niet in de bestandsschatting voor kabeljauw. De REX-survey heeft volgens ICES een te kleine Noordzee-dekking, waardoor het onmogelijk is om een betrouwbaar beeld te geven van de relatieve veranderingen in de kabeljauw populatie. Een goede survey dekt dus het gehele verspreidingsgebied van een soort. Gelukkig is dat bij de Nederlandse bedrijfssurvey wel het geval.

Waarnemers BTS
IJMUIDEN/URK – De wetenschappelijke Beam Trawl Survey met de Tridens vangt aan op maandag 18 augustus. Er worden twee ‘overweekse’ reizen gemaakt en het weekend wordt dan in het VK doorgebracht. In het laatste weekend van augustus ligt de Tridens in IJmuiden.

Opnieuw gaan er opstappers vanuit de kottervisserij mee. Achtereenvolgens varen met de ‘Tridens’ mee: Jan de Boer (E 104), Jurie Romkes (BCK 40), Teun van Dam (GO 14/31) en Iede-Geert Bakker (UK 19). Romkes en Bakker gaan voor het eerst mee tijdens de BTS. Ook Inger Wilms van de Coöperatieve Visserij Organisatie (CVO) gaat de eerste week van september als opstapper mee.

Met de kleinere Isis kunnen geen waarnemers mee. De Isis doet vijf weken BTS-onderzoek en begon afgelopen maandag vanuit Scheveningen. Voor beide onderzoeksvaartuigen zijn op Urk nieuwe netten gemaakt. De Tridens vist met schotje, de Isis zonder schotje. De BTS-tuigen zijn acht meter brede boomkorren met vier wekkers en vier kietelaars en een maaswijdte van 4 centimeter in de zak.

Behalve de Tridens en Isis uit Nederland doen ook de buitenlandse onderzoeksvaartuigen Belgica (België), Corystes (Verenigd Koninkrijk) en Solea (Duitsland) mee aan de wetenschappelijke BTS. Indien mogelijk worden er tijdens de survey enkele vergelijkende trekken gedaan.

IMARES houdt vanaf de Tridens een weblog bij van de Beam Trawl Survey: http://beamtrawlsurvey.blogspot.nl