Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Overal kabeljauw en jonge vis

L 757 bedrijfsschip bij Deense survey

THYBORøN – De twinrigger L 757 ´Aaltje Postma´ van Hollandse Deen Tamme Bolt heeft vorige maand opnieuw meegedaan met het Deense IBTS REX. Binnen het REX-project werkt een aantal partijen samen bij het onderzoek naar de ruimtelijke verspreiding van de kabeljauw in het noordoostelijk deel van de Noordzee. Bolt ziet overal kabeljauw en overal veel jonge vis.

Het Deense REX-project is een samenwerking tussen DTU Aqua, Danmarks Fiskeriforening (de overkoepelende visserijvereniging), wetenschappers/visserijonderzoekers en het Deense visserijbedrijfsleven. REX staat voor: gezamenlijk onderzoek naar de verspreiding/ruimtelijke verdeling van het kabeljauwbestand in het noordoostelijke deel van de Noordzee.

De vraagstelling luidt: waarom zien de visserlui het kabeljauwbestand groeien, terwijl onderzoeksschepen als de Deense ´Dana´ en de Nederlandse ´Tridens´ tijdens het IBTS (International Bottom Trawl Survey) vrijwel geen (grote) kabeljauw vangen? En waarom wordt er in het ene gebied veel kabeljauw gevangen en in een ander gebied niet? Het gehele project en de resultaten zullen tijdens de ICES meeting/workshop dit najaar in Berlijn gepresenteerd worden. Ook op de komende Noordzee-RAC in Leiden (15, 16 en 17 oktober) zal een presentatie worden gegeven.

Drie visserijschepen doen mee aan het project: een staandwantvisser, een flyshooter en een ´trawler´. De L 757 heeft sinds juni 2006 tien trawlreizen gedaan met wetenschappers aan boord, bij elkaar 105 dagen. De 14-daagse onderzoeksreizen vinden ieder jaar in februari en augustus plaats. Om de drie-vijf dagen gaat de L 757 naar binnen om te lossen. Tussentijds worden er nog wat kortere reizen gedaan van vier tot zes dagen. ,,Voor de wetenschappers is het belangrijk dat wij als trawler ieder jaar hetzelfde doen. Hetzelfde schip, dezelfde netten, periode en visgronden, en stabiel weer. Pas dan kan er een vergelijking worden gemaakt met de resultaten van het IBTS van de ICES´´, vertelt Tamme Bolt vanuit Denemarken, waar de L 757 op dit moment aan het flyshooten is in het Skagerrak.


Rockhoppernetten

Schipper Tamme Bolt aan boord van L 757 met kabeljauw op de verwerkingsband tijdens een onderzoekstrip.Schipper Tamme Bolt aan boord van L 757 met kabeljauw op de verwerkingsband tijdens een onderzoekstrip.,,We vissen met de twinrig met zogenaamde rockhoppernetten, 12 inch grondpees en 12 cm netwerk met een achtereind van 10 cm, om zo ook de kleine kabeljauw te kunnen vangen. We hebben alle reizen gevist in de ICESvakken 44F5, 43F5, 43F6, 43F7, 42F6 en 42F7. Elk ICES-vak van 30 bij 30 zeemijl is weer onderverdeeld in 36 vakjes van 5 bij 5 zeemijl. Van deze vakjes moet de L 757 per ICES-square er tien bevissen; acht door de wetenschappers aangewezen en twee door ons zelf gekozen. Dit is om zo’n groot mogelijke spreiding te krijgen. De maximale vistijd is twee uur. We doen veel trekjes van een uur, omdat we een vrij strak programma hebben en nogal wat rondstomen. De vangst wordt uitgerekend in kilo per uur.´´

De vakjes zijn op hun beurt onderverdeeld in zandgrond, stenen en doorslag (kleine stenen/klei/dergen). De staandwantvisser vist vooral op wrakken en stenenruggen, de flyshooter op stenen en doorslag en de trawler op stenen, doorslag en zandgrond.

Iedere reis vist het Deense visserijonderzoekschip ´Dana´ een aantal dagen in het REX-gebied en dus met de L 757 op. Bodemgesteldheid, vangsttechniek, wind, stroom, watertemperatuur, lengte vis, gewicht vis, maaginhoud kabeljauw; alles wordt gemeten en geregistreerd. Twee keer per jaar worden er workshops gehouden, na iedere reis worden er meetings gehouden.

De resultaten noemt Bolt bemoedigend. ,,In 2006 mochten wij als visserlui 50 procent van de vangstgebieden uitkiezen, nu slechts 20 procent. Desondanks zijn de vangsten van alle drie de bedrijfsschepen gestegen. Als we een leuke trek kabeljauw doen verlaten we dit bestek op weg naar het volgende aangewezen vak. Een goed teken is dat wij, in tegenstelling tot de ´Dana´, overal wat kabeljauw zien, ook al is het maar een kist vol. Voorlopig resultaat van deze reis is ook dat we overal veel jonge vis zien; kabeljauw, schelvis en heek. Maar het gaat er dus niet alleen om als visser zakken vol kabeljauw scheep te zetten. Het is meer de stijgende lijn, en het gaat om een vergelijking van onze vangsten ten opzichte van de IBTS-vangsten.