Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Partners Noordzeeakkoord in conclaaf met achterban

Zal 200 miljoen euro wel genoeg zijn?

URK – Het kabinet stelt een bedrag van 200 miljoen euro beschikbaar voor de uitvoering van het zogenoemde Noordzeeakkoord. Veel minder dan waar de sector om gevraagd heeft.

Eind oktober jongstleden kwam, al dan niet gelekt, een 'Definitief voorzittersvoorstel' naar buiten van voorzitter Jacques Wallage van het Noordzeeoverleg. In feite een onderhandelingsakkoord, en dan nog zonder handtekeningen. Tot teleurstelling van velen, niet in minst van Wallage zelf, ontbrak een financiële paragraaf. Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat heeft vorige week woensdag de partners in het overleg van deze langverwachte financiële paragraaf deelgenoot gemaakt. Alle partners in het in 2018 in het leven geroepen Noordzeeoverleg, naast de visserij en de overheid zijn dat met name de natuurorganisaties en de windenergiesector, gaan daarover in overleg met hun achterban. Afgelopen zaterdag zijn vertegenwoordigers van alle deelnemende visserijorganisaties voor nader overleg al bijeen geweest in Den Oever.

De visserij-voormannen doen er vooralsnog het zwijgen toe. ,,We willen hier in alle rust over kunnen spreken en voorkomen dat concept-bedragen een eigen leven gaan leiden en onrust veroorzaken'', zegt VisNed-voorzitter Pim Visser. Voorzitter Johan Nooitgedagt van de Nederlandse Vissersbond laat zich in soortgelijke bewoordingen uit. Een broedende kip moet je niet storen. Besturen en leden van de visserijorganisaties gaan zich de komende weken buigen over deze moeilijke materie.

Duidelijk is wel dat de bedragen die desondanks naar buiten zijn gekomen, 200 miljoen euro in totaal waarvan 119 miljoen euro voor de visserij, schril afsteken bij wat de visserijsector ruim een jaar geleden opperde. Najaar 2018 vroeg de visserijsector bedragen van 575 miljoen tot 905 miljoen euro voor een transitiefonds dat de visserij moest helpen zich aan te passen aan steeds minder ruimte op zee, door de steeds sneller voortschrijdende industrialisering van de Noordzee en het instellen van gesloten natuurgebieden.

Van het bedrag van 119 miljoen euro voor de visserij komt 45 miljoen euro uit het Europese fonds EFMZV en 74 miljoen euro uit de rijksbegroting. Het laatste bedrag zou deels ingezet kunnen worden voor sanering. Van de 81 miljoen die overblijft zou 55 miljoen euro zijn voor (natuur)onderzoek, 14 miljoen voor controle op de afspraken binnen het Noordzeeakkoord en 12 miljoen voor onderzoek naar doorvaart van windmolenparken.

Hoogste eisen

EMK-bestuurslid Dirk Kraak (BRA 5/BRA 7), in een eerste reactie en 'op eigen titel', is kritisch: ,,De bedragen die genoemd worden zijn aan de lage kant. En wat komt er uiteindelijk bij de sector terecht? En kopen we onze inspraak in de toekomst hiermee af? Wees voorzichtig met wat je tekent dus.''

De Helderse visserman vaart weliswaar onder Duitse vlag, maar heeft te maken met exact dezelfde problematiek en staat met EMK op de barricades voor de hele Nederlandse sector. Kraak wijst op een lastig dilemma: voor die vissers die willen stoppen kan het Noordzeeakkoord een mooie kans zijn, maar er zal hoe dan ook minder toekomstperspectief voor de blijvers zijn.

,,De negatieve invloed van windmolenparken op natuur en visbestanden zal blijven toenemen, en de visserman wordt daardoor ook in de toekomst gepakt.'' Punt van orde: Kraak is van mening dat de visserij als meest en misschien wel enige benadeelde partij in het Noordzeeakkoord ook de hoogste eisen moet kunnen stellen. Waarvan akte.