Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Wageningen Marine Research Regiocentrum Yerseke

Schelpdierkweek in open zee

De Noordzee wordt door veel partijen gezien als een potentieel grote bron voor duurzame voedselproductie in de vorm van offshore kweek. Concrete initiatieven om daadwerkelijk commercieel op het Nederlandse deel van de Noordzee te kweken, blijven echter om allerlei redenen achterwege. In het buitenland wordt al wel met succes bedrijfsmatig op open zee gekweekt.

Tijdens een themabijeenkomst met een selecte groep deelnemers op woensdag 15 januari bij het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research (WMR), is gesproken met experts uit binnen- en buitenland om ideeën en ervaringen uit te wisselen rond het kweken van schelpdieren en zeewier op open zee.

De middag begon met een korte introductie van Tammo Bult (WMR) en Addy Risseeuw (Producenten Organisatie Mosselcultuur) over het thema van de dag. Na een kort voorstelrondje volgde een presentatie van Pauline Kamermans (WMR) waarbij ze de deelnemers een overzicht liet zien van welke kweeksystemen er bekend zijn op open zee.

Buitenland

Hierna werd het panel met de vier experts geïntroduceerd. Zij kregen de tijd om zichzelf en hun bedrijf te presenteren en vertelden het publiek over de lessen die ze hebben geleerd.

Willy Versluys (België) had de eer om het spits af te bijten. Hij is tien jaar geleden begonnen met experimenten om offshore mosselen te kweken. Ze hebben in de afgelopen jaren verschillende structuren getest, en zijn daarbij tegen verscheidene problemen aangelopen. Allereerst gaf hij aan dat de Belgische Noordzee klein is en het er erg druk is met verschillende partijen. Multi-use zou daarom een welkome benadering zijn. De overheid zou dit meer moeten stimuleren zodat er gecombineerd ruimtegebruik kan ontstaan.

Ook de combinatie van mosselkweek met het kweken van andere soorten wordt door Versluys als interessant beschouwd. Een ander probleem dat hij ondervindt met de commerciële kweek van mosselen is dat de Belgische overheid dicht op de kwaliteit van het water zit. Deze verandert met de stroming en daardoor is het moeilijk aan te tonen dat de waterkwaliteit constant goed is. De mosselen mogen daarom nog niet commercieel verkocht worden. Zijn allerbelangrijkste les aan de groep volgt als slotzin: ga nooit in gevecht met de zee, maar werk ermee samen.

De tweede expert die aan het woord kwam, is John Holmyard (Engeland). Hij heeft een offshore mosselkwekerij in Engeland die sinds 2013 in gebruik is. De kwekerij beslaat in totaal 15,5 km2 en de diepte varieert van 18 tot 30 meter. De drie kweeklocaties liggen op ca. 25 kilometer van de haven en het duurt meer dan twee uur om er te komen. De mosselkweker verzamelt mosselzaad in het voorjaar en plaatst deze op de 240 lijnen die individueel vastgemaakt zijn in de zeebodem. Ze oogsten in juli of augustus en hebben een opbrengst van circa 1.500 ton per jaar.

De grootste uitdaging die hij bij het opstarten van zijn bedrijf is tegengekomen is het opschalen van de proefopstelling naar een commercieel bedrijf. Daarnaast zijn de condities op zee elk jaar verschillend. Dat maakt het voortdurend een uitdaging om de kweek succesvol te maken. Zo is het moeilijk om de lijnen in het begin van het seizoen juist te positioneren, en de groei van de mosselen is afhankelijk van de heersende condities.

Kweken en oogsten van mosselen op open zee in Engeland en Portugal.Kweken en oogsten van mosselen op open zee in Engeland en Portugal.

John Holmyard geeft aan dat er in het gebied ook infrastructurele obstakels zijn. De havens zijn klein en het kan lang duren voordat je je voorraad kunt aanlanden. Een tip die hij meegeeft is dat mosselen die altijd volledig onderwater staan zich minder sterk hechten aan de touwen - en daardoor sneller af zullen vallen bij het binnenhalen - dan mosselen die regelmatig droogvallen. De juiste balans vinden tussen niet te veel en niet te weinig beweging van de touwen is daarom cruciaal.

Jasper van Veen (Nederland) was de derde expert die aan het woord kwam en hij vertelde over de Noordzeeboerderij Foundation. Hun missie is om de Nederlandse zeewiersector te laten slagen. Dat doen ze door middel van een inclusieve community die staat voor samenwerking tussen allerlei partijen die geïnteresseerd zijn in zeewierkweek en multi-use. Daarnaast hebben ze een proeflocatie op zee waar verschillende partijen experimenten uit kunnen voeren. Ze zijn zelf inmiddels drie jaar bezig met het kweken en oogsten van zeewier. Het grootste probleem dat Jasper van Veen aanhaalt is opschaling. Een belangrijk advies dat Jasper van Veen meegeeft, is dat je je opstelling goed moet markeren zodat de kans op aanvaringen met schepen minimaal is.

Als laatste kwam Antonio Cunha (Portugal) aan het woord. Hij kweekt offshore mosselen in het zuiden van Portugal. Bij het ontwikkelen van de constructies heeft hij gekeken naar de methoden die ze in Spanje gebruiken. De pilots leverden geweldige resultaten op, waarbij tot wel 30 kilogram per meter touw geoogst kon worden.

Daarna kwamen echter problemen: het gebied moest zes maanden gesloten worden wegens aanwezigheid van toxines in de mosselen, en de opstellingen werden vernield door een hevige storm. Middels het verzamelen van data hebben ze wel veel kunnen leren over de stromingen in het water en de impact op de kweeksystemen.

Een belangrijke les die Antonio Cunha mee wil geven: werkt een kweekmethode in een bepaald gebied, dan zal het waarschijnlijk niet werken in een ander gebied.

Vragen

Na de presentaties volgde een gesprek met de zaal. Dit gaf aanleiding tot de vraag of de kwekers op elk moment naar hun productielocaties kunnen gaan. De kwekers geven allemaal aan dat dit erg afhankelijk is van het weer en de werkzaamheden die gedaan dienen te worden.

Een andere vraag van de deelnemers is of de kwekers mosselzaad verzamelen of dat deze vanzelf vasthechten aan de touwen. De kwekers geven aan dat ze het mosselzaad gelijkmatig verspreiden over de touwen omdat ze anders in te grote dichtheden gaan clusteren.

Op de constructies van de zeewierkwekerij bij Scheveningen groeien ook veel mosselen. Jasper van Veen geeft aan dat ze nog geen oplossing hebben bedacht om dat tegen te gaan, afgezien van het weghalen van de volledige constructie buiten het groeiseizoen van de wieren.

Op de vraag hoe technologie kan helpen op de kweekinstallaties wordt geantwoord dat ze in Scheveningen databoeien gaan installeren die allerlei gegevens verzamelen. In Portugal gebruiken ze dat ook. In Engeland zouden ze graag vanaf de kust willen weten wat de actuele weersomstandigheden zijn op de kweeklocaties zodat ze weten of het zinvol is om uit te varen.

De vraag over wat de overheden doen om offshore kweek te stimuleren, roept aardig wat reacties op. In Engeland missen de kwekers samenwerking met de overheid. Ze moeten veel onderzoek doen voordat er gestart kan worden met de kwekerij, en dat staat niet in verhouding met wat zandwinningbedrijven moeten onderzoeken. In Nederland heerst wel het gevoel dat de overheid paraat staat om te helpen. Er ligt een Nationaal Strategisch Aquacultuur Plan en de Nederlandse overheid houdt zich bezig met de combinatie van aquacultuur in windparken.

Het laatste onderwerp dat ter sprake kwam is het imago van schelpdieren en zeewier. Een mosselkweker uit Ierland merkte op dat momenteel de prijs van mosselen erg laag is en dat de kweek op den duur niet meer rendabel zou kunnen zijn. Mosselen eten moet interessanter gemaakt worden voor mensen, vooral bij jonge mensen. Door meer samenwerking tussen landen, zou er meer interesse in schelpdieren moeten komen. Addy Risseeuw geeft aan dat er de komende drie jaar een campagne gaat lopen om mosselen te promoten, ook in relatie tot klimaatverandering.

De themamiddag werd afgesloten met een netwerkborrel, waarbij het gesprek van de bijeenkomst voortgezet werd. Het was een zeer geslaagde middag. De deelnemers vonden het erg nuttig om gericht ervaringen uit te wisselen rond het thema offshore kweek van schelpdieren en zeewier.


Lisanne van den Bogaart (06-28486333)

E-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Wageningen University & ResearchWageningen University & Research