Wilt u een abonnement afsluiten, nieuws doorgeven, een advertentie plaatsen of online adverteren in Visserijnieuws? Klik dan hier.
Jaarvergadering Vereniging van Visimporteurs

Meer aanvoer en import van vis nodig

ZOETERMEER/OUD ZUILEN – De visconsumptie in de Europese Unie groeit licht, maar de sector ondervindt steeds meer concurrentie om de grondstoffen. De zelfvoorzienendheid voor vis in de EU neemt af, en daardoor moet er meer geïmporteerd worden om de markt te voorzien. Mike Turenhout presenteerde afgelopen woensdag op de algemene ledenvergadering van de Vereniging van Importeurs van Visproducten (VIV) de belangrijkste punten uit de jaarlijkse Finfish Study. Deze rapportage geeft op EU-niveau inzicht in de trends in het marktaanbod en de consumptie van vis, schaal- en schelpdieren. Turenhout is secretaris van de VIV en medeauteur van de Finfish Study.

Visaanbod, consumptie en zelfvoorzienendheid EU

Het totaal aanbod van visproducten in de Europese Unie lag in 2018 rond de 16 miljoen ton (levend gewicht), nagenoeg gelijk aan het jaar ervoor. Ongeveer 60% (9,4 miljoen ton) van het aanbod werd verkregen door import uit derde landen. Het aandeel vis, schaal- en schelpdieren uit EU-visserij en aquacultuur bedroeg respectievelijk 33% (5,3 miljoen ton) en 8% (1,3 miljoen ton). Zie figuur 1.

Het grootste deel van het totale aanbod visproducten wordt in de EU zelf geconsumeerd en lag in 2018 met 12,9 miljoen ton (80% van het totale aanbod) iets hoger dan het jaar ervoor (+0,2%). Zie figuur 2. Verwacht wordt dat de EU-consumptie in 2019 licht zal afnemen door de toegenomen concurrentie met derde landen om de beschikbare grondstoffen. Met 2,2 miljoen ton vis, schaal- en schelpdieren nam voor het tweede achtereenvolgende jaar de export naar derde landen toe (+5% ten opzichte van 2017). Een klein deel van de beschikbare visproducten (6% in 2018) wordt niet gebruikt voor menselijke consumptie, maar verwerkt in onder andere de vismeelmarkt.

Figuur 2: Gebruik beschikbare visproducten binnen de EU. Bron: Finfish Study 2019; a) prognose.Figuur 2: Gebruik beschikbare visproducten binnen de EU. Bron: Finfish Study 2019; a) prognose.

Wanneer de visconsumptie per persoon in de EU wordt berekend, wordt zichtbaar dat deze in 2018 is gestagneerd rond 25,1 kilo. Zie figuur 3. De mondiale groei in vraag naar visproducten draagt bij aan de stagnerende beschikbaarheid van vis, schaal- en schelpdieren voor de Europese markt. Voor 2019 wordt verwacht dat de vraag naar visproducten licht zal afnemen.

Figuur 3: Consumptie vis, schaal en schelpdieren in de EU. Bron: Finfish Study 2019; a) prognose.Figuur 3: Consumptie vis, schaal en schelpdieren in de EU. Bron: Finfish Study 2019; a) prognose.

Wanneer gekeken wordt naar de mate waarin EU-visserij en aquacultuur kunnen voorzien in de EU-visconsumptie, wordt duidelijk dat deze relatief laag is. Import is van essentieel belang om voldoende vis, schaal- en schelpdieren beschikbaar te krijgen voor de EU-markt om te kunnen voldoen aan de vraag. In 2018 lag de importafhankelijkheid van de EU met 62,5% iets hoger dan het jaar ervoor (figuur 4).

Figuur 4: Importafhankelijkheid EU. Bron: Fin- fish Study 2019; a) prognose.Figuur 4: Importafhankelijkheid EU. Bron: Fin- fish Study 2019; a) prognose.

Whitefish

Een belangrijke productgroep binnen de EU-vismarkt is 'whitefish'. Witvis is hier geen goede vertaling van, dus houden we het bij de Engelse groepsnaam. Het aanbod van de belangrijkste wildvangst whitefish-soorten kwam in 2018 uit op bijna 3,2 miljoen ton (+1,7% t.o.v. 2017). Hieronder vallen onder andere soorten als kabeljauw, Alaska pollak, heek, schol en koolvis. Kabeljauw (1,17 miljoen ton) en Alaska pollak (0,91 miljoen ton) zijn hierbij de belangrijkste soorten. Zie figuur 5. Het aanbod schol lag in 2018 op ongeveer 0,08 miljoen ton.

Figuur 5: Aanbod belangrijkste EU Whitefish-soorten 2016. Bron: Finfish Study 2019.Figuur 5: Aanbod belangrijkste EU Whitefish-soorten 2016. Bron: Finfish Study 2019.

De belangrijkste kweekvis binnen de whitefish-groep is pangasius. In 2018 lag het EU-aanbod rond 0,23 miljoen ton. Al jarenlang neemt het aanbod van pangasius in de EU af, door onder andere de negatieve publiciteit rondom deze kweekvis in combinatie met valutaontwikkelingen. In 2013 importeerde de EU 0,48 miljoen ton pangasius, in 2015 was dat 0,37 miljoen ton en in 2017 kwam het aanbod uit op 0,25 miljoen ton.

Wanneer gekeken wordt naar de importafhankelijkheid van de belangrijkste whitefish-soorten, wordt zichtbaar dat het grootste deel van de whitefish-soorten die aangeboden worden in de EU voor meer dan 70% afhankelijk zijn van import. Zie figuur 6. Dit impliceert een lage zelfvoorzienendheid van de EU voor wat betreft deze vissoorten, gemiddeld rond de 10%. Alaska pollak, hoki, pangasius en tilapia zijn zelfs voor 100% afhankelijk van import. Schol daarentegen is 11% importafhankelijk. De belangrijkste herkomstlanden voor whitefish-soorten zijn China, Noorwegen, Amerika, IJsland en Rusland.

Figuur 6: Import afhankelijkheid Whitefish-soorten 2018. Bron: Finfish Study 2019.Figuur 6: Import afhankelijkheid Whitefish-soorten 2018. Bron: Finfish Study 2019.

Whitefish-soorten worden veel gebruikt als grondstof in de verwerkende industrie binnen de EU en deze soorten leveren een belangrijke bijdrage aan de werkgelegenheid en handelsmogelijkheden binnen Europa.

EU potentieel voor whitefish en schol

Het totaal beschikbare quotum in de EU voor de zeven belangrijkste whitefish-soorten (kabeljauw, Alaska pollak, heek, koolvis, schelvis, roodbaars en hoki) lag in 2018 op 519 duizend ton. In dit jaar was 70% van het beschikbare quotum hiervan benut, resulterend in een onbenut EU-potentieel van rond de 150 duizend ton (€233 miljoen euro). Voor schol lag het onbenutte EU-potentieel op 90 duizend ton (€220 miljoen euro), vanwege de lage benutting van het quotum ervan in 2018 (43%). De groeiende (mondiale) markt voor vis biedt volop mogelijkheden voor het EU-potentieel, mocht dit opgevist worden.

Naast whitefish-soorten wordt in de Finfish-studie ook verder uitgeweid over andere belangrijke vis, schaal- en schelpdieren, zoals tonijn, zalm en garnalen. De gehele studie zal half december te raadplegen zijn op de website van AIPCE-CEP (www.aipce-cep.org).

De EU is wereldwijd het belangrijkste vishandelsgebied en de consumptie van vis wereldwijd neemt toe. Het aanbod van visserij- en aquacultuurproducten uit de EU is essentieel en in combinatie met vis uit andere gebieden een sterke troef voor de handel en verwerking in Europa.