|
De naam Oosterscheldekreeft is in het geding nu het Grevelingenmeer en het Veerse Meer de aanvoer op de UFA-afslag in Colijnsplaat overstijgen. Kreeft floreert goed in de kustwateren en biedt de beroepsvissers op de ‘afgegrendelde’ meren interessante nieuwe kansen.
NEELTJE JANS - De Zeeuwse kreeft heeft een kwaliteitslabel nodig om deze te onderscheiden van geïmporteerde schaaldieren. Daarover bestaat binnen het bestuur van de Stichting Promotie Oosterscheldekreeft (SPOK) geen misverstand. Alleen is het nog de vraag onder welke naam een MSC-certificaat voor kreeften uit de Oosterschelde, het Grevelingenmeer en het Veerse Meer aangevraagd dient te worden. Voor de beroepssector is deze afweging niet moeilijk: Zeeuwse kreeft! Op de meren kun je geen Oosterscheldekreeft vangen.
Vooral de benaming Oosterschelde- of Zeeuwse kreeft was vorige week vrijdag het langst en meest besproken onderwerp tijdens het kreeftsymposium op Neeltje Jans. Met name de bestuursleden van de Stichting Promotie Oosterscheldekreeft lijken nog wat moeite te hebben met een naamswijziging. Inmiddels tien jaar timmert deze stichting onder deze naam aan de weg en heeft daarmee onmiskenbaar internationale naam en faam opgebouwd.
Het thema van het symposium (ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van de SPOK) was ‘het vermarkten van de Zeeuwse kreeft’, met de intentie om de keten van visser naar consument te bespreken. Op een drietal inleidingen, door achtereenvolgens drs. Marnix van Stralen (MarinX), kreeftvisser Gerrie van den Hoek (MS 3) en Wil van Merkenstijn (pr-medewerker Schmidt Zeevishandel) volgde een discussie over de handelsnaam van alle kreeften die in het Zeeuwse Deltagebied worden gevangen.
Volgens voorzitter Jaap Geleijnse van de Combinatie van Beroepsvissers Zuidwest Nederland is het tijd ‘om de knop om te draaien’. De aanvoer uit het Grevelingenmeer groeit jaarlijks en het Veerse Meer biedt inmiddels ook alternatieven voor de (gedupeerde) aalvissers. ,,Gaan voor één Zeeuws product onder dezelfde naam. Vroeger hadden we de Oosterscheldebrug. Deze heet nu ook Zeelandbrug.’’ Geleijnse kreeg bijval van bioloog Marnix van Stralen: ,,Met de naam Zeeuwse bereik je maximale helderheid. Ga dan geen ingewikkelde constructie optuigen met een naamsverwarring over vangstgebieden.’’ Willy Bout-Schouls (BRU 49) deed er nog een schepje bovenop: ,,Als je vanaf de Grevelingen in Bruinisse met kreeft binnenloopt, kun je toch niet gaan vertellen dat er Oosterscheldekreeft aan boord is!’’
Benutting
Symposium en opening tentoonstelling Deltapark Neeltje Jans
Van Stralen gaf een toelichting op de ontwikkeling en het beheer van het kreeftenbestand in de Oosterschelde. Zijdelings noemde hij ook de opmars van de populatie in de Grevelingen en het Veerse Meer. Opvallend detail is dat op de Oosterschelde minder dan 20 procent van de vangstrechten daadwerkelijk wordt benut. De (80) vergunningen zijn toegekend aan circa 40 vergunninghouders. Onderzoeken door vissers hebben aangetoond dat jaarlijks 20 procent van het bestand wordt opgevist. Omdat ondermaatse en zaadkreeften worden teruggezet wordt per jaar uiteindelijk slechts 14 procent aan het bestand onttrokken.
Van Stralen’s grote zorg is dat 80 procent van de vangstrechten (nog) niet wordt benut. In zijn visie is een reductie van het aantal vergunninghouders op de Oosterschelde gewenst. Dat heikel onderwerp komt ook steevast in de Werkgroep Vaste Vistuigen aan de orde. Uitkoop van slapende vergunningen noemde hij ‘een lastig traject’. Van Stralen boodschapte: ,,Nu al vist een reeks vissers op een klein oppervlak. Tot nu toe gaat het goed met de kreeft. Uitkoop is echter een knelpunt om voor MSC-certificering in aanmerking te komen. Streef in elk geval naar één soort ‘Zeeuwse kreeft’. Blijf niet in die discussie hangen.’’ Kreeft-, paling- en tongvisser Gerrie van den Hoek (MS 3) betreurt dat het ministerie van LNV nog steeds geen passende (financiële) oplossing weet te bieden op ‘de fout’ die met de uitgifte van de Standaardvergunning Vast en Zeker in 2002 is gemaakt. Dat maakt de certificering van de kreeft in zijn beleving zelfs onmogelijk. Van den Hoek vertelde, ondersteund met een fotosessie, waar hij samen met zijn vader Bram in de noord-westhoek van de Oosterschelde zoal mee doende is. Het oogmerk van de beroepsmatige kreeftvissers is volgens hem om naar een kleinschalige gezonde bedrijfstak te streven. ,,Wij willen zelf ook best aan uitkoop meebetalen’’, benadrukte hij.
Pr-medewerker Wil van Merkenstijn van Schmidt Zeevisgroothandel in Rotterdam zou graag zien dat alle kreeft via de veiling werd verhandeld. Omdat kreeft een ‘leuk streekproduct’ is bepleitte hij een minimum veilingprijs voor kreeft, die Schmidt wekelijks op de UFA-veiling in Colijnsplaat aankoopt. Een verlenging van het aanvoerseizoen zou Schmidt Zeevis zeer appreciëren. ,,Na de zaadperiode is de kwaliteit van de kreeft stukken beter. Wij pleiten voor een topproduct, ook in het najaar, willen voor kwaliteit best iets meer betalen en aan de andere kant de kreeft niet alleen houden voor mensen met een Rolls Royce’’, aldus Van Merkenstijn.
Niet in goede aarde
Oosterscheldevisser Sam Uil genoot zichtbaar dat hem de eer te beurt viel om de tentoonstelling over Zeeuwse kreeft in het Deltapark op Neeltje Jans officieel te openen. De tentoonstelling bestaat uit 12 vitrinekasten met een scala aan attributen rondom de kreeft.
Het voorstel om een seizoensverlenging te realiseren, met de mogelijkheid voor Zeeuwse kreeft op het kerstmenu, viel niet in goede aarde bij de aanwezige kreeftvissers. Leen Schot (ZZ 15) en Bram van den Hoek (MS 3) zijn over deze optie verontrust, omdat de Eurokotters die over een sleepnetvergunning beschikken dan wel eens met de voorraad aan de haal kunnen gaan. ,,Die vangen met één kotter net zoveel als alle kreeftvissers bij elkaar in een jaar.’’
Het idee om in de restaurants onbeperkt kreeft aan te bieden werd door mr. Hans van Geesbergen van de PO-Mossel radicaal van tafel geveegd. ,,In relatie tot het product is dat oneerlijk. Daarmee devalueer je het product kreeft. Kreeft is te bijzonder om onbeperkt aan te bieden. Dat kunnen ze beter met spareribs doen.’’
Stop kreeftenmoord Kreeft- en palingvisser Sam Uil uit Burghsluis zag in zijn introotje ter gelegenheid van de opening van de kreefttentoonstelling z’n kans schoon om een ‘oproepje’ aan Rijkswaterstaat te doen. Zonder afbreuk te doen aan de medewerking van sportduikers in het achterliggende najaar zou Uil graag zien dat Rijkswaterstaat eerder in het najaar de mogelijkheid gaat bieden om kreeften veilig te stellen, voordat in het voorjaar nieuwe vooroever-bestortingen met staalslakken plaatsvinden. ,,Bij De Val zijn nu duizenden kreeften levend begraven onder drie tot vier meter stortsteen. Jammer van al die kreeft! Zulke dingen zijn te voorkomen.’’
|