Bezoek aan 34 vissersschepen
|
Grootscheepse controle in de zuid |
|
vrijdag, 12 maart 2010 |
|
KERKRADE - Drie keer te fijnmazig netwerk, tweemaal binnenkuilen, enkele onvolledig ingevulde logboeken, ondermaatse vis en in een aantal gevallen het niet uitzenden van VMS-signalen. Dat is de balans die de AID opmaakte na 34 ‘zeecontroles’ en 58 aanlandingscontroles vorige week op en in de omgeving van de Zuidelijke Noordzee en Het Kanaal.
De ‘internationale visserijcontrole’ werd deze keer gecoördineerd door de Franse autoriteiten. Puntje bij paaltje komt het er dan volgens opgave van AID-voorlichter Roel Vincken op neer dat de Algemene Inspectiedienst in Kerkrade niet direct alle overtredingen van een en dezelfde controleweek snel voorhanden heeft.
Duidelijk is dat een aantal zuidkotters met een bezoek van een internationaal gezelschap controleurs is geconfronteerd. Sommige bemanningen verbaasden zich over de manier waarop de maaswijdtemetingen werden verricht. Naar verluidt werd in bepaalde gevallen ‘overdwars’ gemeten en niet altijd werd de stelregel van 20 mazen op rij gehanteerd.
Volgens Jaap Fenijn van de beheergroep Delta Zuid waren de controleurs ‘heel actief’’. Een opgevist stuk netwerk dat een bemanningslid van de BR 43 terug overboord had gegooid leverde schipper Jaap Albregste een bekeuring op. Op de kotter zelf werden geen onregelmatigheden geconstateerd.
Rederij Brinkman (SL 42) had de pech dat in één staart 7,9 millimeter werd gemeten. Walschipper Cor Brinkman noemt de situatie onwerkbaar. ,,Met de komst van de Omegameter zijn we al vier millimeter wijder gaan vissen en nog wordt er geen tolerantiegrens ingebouwd. Het wordt hoog tijd dat het TNO met een gedegen rapportage naar buiten komt.’’
De GO 9 werd vorige week donderdag door Engelse controleurs naar Lowestoft opgebracht. De rederij was niet bereikbaar voor commentaar.
|
| |