|
SCHEVENINGEN/KATWIJK – De opbouw van de maatjesvoorraad gaat niet zo snel als de handel zou willen. De vangsten zijn niet overdadig, en wat gevangen wordt valt vaak grof. De Scandinavische vissers hebben over de prijzen niet te klagen.
Vorig jaar liep de voorraadvorming na de verlate start van het haringseizoen als een trein. Dit jaar gaat het opbouwen van de voorraad moeizaam. Er is een tekort aan kleinere maten. ,,De vissers zoeken wel, maar als ze niets vinden gaan ze toch vaak wat noordelijker vissen en daar vang je grovere haring. Ze zouden misschien iets meer geduld moeten hebben’’, zegt Luc Ouwehand, voorzitter van het Nederlands Visbureau. De grove haring van rond de 160 gram is eigenlijk te grof om te emmeren. Als ontkopte haring voor machinale verwerking vinden ze nog het best emplooi. De prijzen voor haring in het algemeen en de beste maten in het bijzonder zijn hoog te noemen. Ouwehand is wel blij met wat er al is, want de kwaliteit is prima en de verkoop gaat goed. ,,Maar de voorraadopbouw zou sneller kunnen.’’ Dreigt er een tekort? Voorzitter Nico de Jong van de Haringgroothandelsvereniging ziet het niet zo somber in. ,,Laten we hopen dat de vissers door het vinden van andere bestekken het huidige aanvoerbeeld kunnen veranderen. En we zullen gewoon wat langer door moeten gaan dan vorig jaar.’’ Doordat de vangsten over het algemeen niet overdadig zijn wordt Noorwegen, dat het dichtst bij de visgronden ligt, het eerst bevoorraad en draait Denemarken al enige weken op halve kracht. Dat kan eventueel problemen geven als bij plotseling goede vangsten oproepkrachten ondertussen elders zijn gaan werken en niet meer beschikbaar zijn voor de haringverwerking. De Nederlandse Wirons vangen maatjes op iets westelijkere visgronden, en deze vallen wat kleiner uit. Beide schepen van het span zijn vol met emmers en pakken en komen vandaag (vrijdag) binnen in Scheveningen.
|