Interactieve atlas voor de vissoorten op de Noordzee
|
Waar zit de mul tegenwoordig? |
|
vrijdag, 07 april 2006 |
IJMUIDEN – Twaalf jaar geleden was de verschijning van de Atlas of North Sea Fishes in boekvorm nog een sensatie. Vorige maand is eindelijk de nieuwe visatlas van de ICES verschenen, maar nu op internet: www.ices.dk. Via dit medium heeft de gebruiker toegang tot een enorme database en kunnen kaartjes gepresenteerd worden van het voorkomen in de Noordzee van 15 commercieel belangrijke vissoorten door de jaren heen. Interessant voor de visserman?
Grote trekker van het project is Henk Heessen van IMARES, voorheen het RIVO, die samen met zijn collega’s Niels Daan en Remment ter Hofstede verantwoordelijk is voor de inhoudelijke kant. Heessen was ook nauw betrokken bij de vorige atlas, die in september 1993 verscheen en de weerslag was van internationale surveys in het tijdvak 1985-1987. Hierin werd de verspreiding gegeven van de verschillende jaarklassen en sorteringen van de vissoorten. De atlas was een groot succes en er is vaak gevraagd naar een opvolger; het kwam er alleen niet van.
Heessen probeerde het wel jaren lang, maar er bleek geen EU-financiering mogelijk te zijn. Door contacten met CEFAS (de Britse tegenhanger van IMARES) en ICES werd het plan nieuw leven ingeblazen, waarbij bewust werd gekozen voor internet, hét medium van deze tijd. ICES en CEFAS zijn verantwoordelijk voor de softwareontwikkeling. De gebruikte gegevens zijn opnieuw afkomstig van internationaal onderzoek en bestrijken een periode van 20 jaar. Via internet heeft de gebruiker toegang tot een kopie van de database van ICES, met miljoenen records. De ICES-FishMap is nu online.
Wat kan je met zo’n atlas? Heeft de visserij er nog wat aan? ,,Het is minimaal voor onderzoekers leuk’’, zegt Henk Heessen lachend. De basispagina van elk van de 15 vissoorten die de atlas behandelt geeft al enige basisinformatie over de betreffende vissoort, met bijvoorbeeld de gemiddelde jaarlijkse vangsten bij de surveys. Algemene informatie over bijvoorbeeld de surveys is ook op te vragen. Veel meer soortspecifieke informatie (omstreeks 15 pagina’s per soort) is te vinden in een bijbehorend pdf-file per soort. ,,Het is gewoon heel veel informatie. Wel in het Engels, maar ik denk dat dit tegenwoordig voor de meesten uit de sector niet meer zo’n probleem is.’’
Van 15 naar 150 soorten
Echt leuk en vernieuwend wordt de atlas in het geavanceerde gedeelte. Door de toegang tot de enorme database van ICES kan de gebruiker kaartjes maken van de verspreiding van de vissoorten door de jaren 1984-2004 heen, en dan nog per jaar, per sortering (lengte) en per jaarklasse. Zelfs kan nog gekozen worden voor een fijnere schaal dan de ICES-kwadranten. Recente gegevens zullen regelmatig worden toegevoegd.
Heessen: ,,Je kunt allerlei veranderingen van de afgelopen twee decennia in beeld brengen. Bijvoorbeeld, waar zat de grotere mul 20 jaar geleden en waar nu? Hoe is de verspreiding van schol en kabeljauw veranderd? Hoe zit dat met de doornhaai? Voor vissers is dat zeker interessant.’’
Heessen heeft nog grote plannen. ,,Er staan nu 15 soorten in de atlas, maar we willen die andere 150 vissoorten er ook bij. Op de onderzoeksschepen zijn door het RIVO en de andere instituten altijd alle soorten die bij de surveys werden gevangen genoteerd en gemeten, dus die gegevens zijn er gewoon. Het gebied van de huidige atlas is de hele Noordzee en het Skagerrak, maar we streven naar een gebiedsdekkende atlas voor het hele gebied van de Barentszzee tot Gibraltar. Wetenschappelijk erg interessant, want van groot belang voor de kennis van het ecosysteem van dit zeegebied.’’
Er moet ook weer een boek gaan komen met de weerslag van alle verzamelde informatie. Ook nu weer is geld het grote struikelblok. ,,De EU wil 50 procent bijdragen en dat betekent dat we op zoek moeten naar cofinanciering. We gaan ons best doen.’’
|
| |