|
OOSTENDE - ,,Ik weet zeker dat België in Brussel een ontheffing krijgt om in het kader van onderzoek ook in diepe westelijke wateren met een pulssysteem te experimenteren. Waar een wil is, is een weg.’’ Anton Dekker van Jaczon betoogde dat aan het slot van een informatiedag over de pulsvisserij in Oostende.
De bokker OD 17, de Eurokotter ARM 25 en de garnalenkotter TX 25 lagen (verspreid) aan de Hendrik Baelskaai in Oostende. Tientallen belangstellenden bekeken de verschillende tuigen van het trio.
Ongeveer 70 belangstellenden kwamen twee weken geleden op een frisse vrijdag af op de uitnodiging van de Kenniskring Pulsvisserij en Sumwing, het Productschap Vis en het ILVO. Onder hen waren een tiental reders van Belgische (vlag)kotters, meerdere beleidsmakers en onderzoekers en enkele afgevaardigde beleidsmedewerkers van Europese parlementsleden. Ook Henne Schuwer en Frits Thissen van de Nederlandse ambassade in Belgie, de Vlaamse aalmoezenier Dirk Demaeght en Manu Desutter van de Bijzondere Raadgevende Commissie Visserij waren present.
De Eurokotter ARM 25 van Rederij Cas Caljouw was ook in Oostende om het Delmeco-pulssysteem en de door Job Schot bedachte APG-tuigen van Van Wijk te showen. Direct na afloop van de informatiebijeenkomst bij het ILVO vertrokken de ARM 25 en de TX 25 via de keersluis in Oostende naar de thuishavens. Dirk Albert Blom was samen met zijn vader op woensdagmiddag uit Oudeschild vertrokken en draaiden 17 uur om Oostende te bereiken.
België komt in het kader van de vijf procent regeling in aanmerking voor zes ontheffingen om te pulsvissen in de Noordzee. Op de aanvraag om (met alle zes tegelijk) in westelijke wateren te gaan vissen is nog geen antwoord van de Europese Commissie gekomen, zei Marc Welvaert, hoofd Dienst Zeevisserij. Anton Dekker bood spontaan aan om met een Nederlandse pulskotter naar de Ierse Zee en de Golf van Biskaje te stomen als daarvoor ontheffing wordt verleend. Welvaert ging aan het slot van de bijeenkomst graag in op het aanbod van Dekker om daarover ’in klein comité’ te communiceren. Bij de Rederscentrale zijn tot nu toe ruim 20 aanmeldingen voor een ontheffing binnengekomen.
Het proefbassin bij het ILVO waar het elektrisch garnalen vissen aanschouwelijk wordt gemaakt. Van links naar rechts ondermeer: Corrie Nagel (HA 31), Dirk Albert Blom (TX 25), Kees Taal (LEI), Jan Siereveld (Z 56), Albert Holtland (Z 402), Johan Hennaert (O 231), Marc Vieren (Rederscentrale), Manu Desutter (adviseur) en Marc Welvaert (hoofd Dienst Zeevisserij).
Verschillende reders toonden hun belangstelling voor de pulsvisserij, maar reageren opvallend terughoudend, niet in het minst omdat het jaar 2011 voor de meeste rederijen goed is geweest. Bovendien is de pulsvisserij voor de Vlaamse vissers geen optie, zolang er alleen voor de Noordzee ontheffingen worden uitgegeven. Vlaamse vissers vissen hooguit vier maanden per jaar in de Noordzee. ,,Wij mogen nog niet klagen. 2011 was goed en we krijgen er tong bij’’, reageerde schipper Danny Vlietinck (Z 483). Zolang er voor de westelijke wateren geen toestemming is, omdat meerdere buurlanden tegen het verlenen van pulsontheffingen zijn, is het volgens hem voor de Belgische vissers niet aanlokkelijk om te gaan pulsen.
De Nederlandse eigenaren van diverse vlagkotters zoals Job en Kees Schot (Z 201/B 601), Jan en Johan Siereveld (Z 56/O 229) en Willy Versprille (Z 80) volgen de pulsontwikkelingen ook op de voet. Of het voor hen een optie is om te gaan pulsvissen valt nog te bezien. Voor een Eurokotter vergt het al gauw een investering van 200.000 tot 250.000 euro. Schot heeft twee aanvragen bij de Rederscentrale ingediend met de wetenschap dat er vooralsnog maar één Belgische Eurokotter voor een ontheffing in aanmerking komt. ,,Op schone grond vist het super, maar op slechte grond verniel je je vistuig al snel. Een module kost 1.270 euro. Je hikt tegen een forse investering aan, terwijl we vorig jaar een prachtig jaar gemaakt hebben’’, zegt Schot, met de aanvulling dat je niet mag klagen als je tegenwoordig iedereen op tijd het zijne kan geven.
Informatiebijeenkomst Gastheer Anton Dekker beet het spits af tijdens de ontmoeting in het ILVO-gebouw aan de Ankerstraat. Dekker ging terug in de tijd en refereerde aan het ’gewaagde pulsexperiment’ van de GO 5 in 1984 en de proeven met de UK 153 waarvoor wijlen Bram Verburg veel baanbrekend werk heeft verricht. Volgens planning zijn in maart 2012 ondertussen onder Nederlandse vlag 42 pulskotters actief. ,,Dat levert per kotter een brandstofbesparing op van 50 procent. Een kind kan uitrekenen hoeveel voordeel dat oplevert op de exploitatiecijfers. Daarom tonen we hier vandaag met veel trots drie kotters met drie verschillende pulssystemen, waar wij vertrouwen in hebben. Systemen waar je de triple p, people, profit en planet, op kunt loslaten. Daarmee staan we aan de vooravond van een nieuwe vorm van Noordzeevisserij’’, betoogde Dekker in zijn welkomstwoord.
Aan de Hendrik Baelskaai lagen de pulsvissers OD 17, ARM 25 en TX 25 afgemeerd. De bokker OD 17 vist met het HFK-pulssysteem, de Eurokotter ARM 25 met het Delmeco-systeem en de garnalenkotter TX 25 met het prijstechnisch interessante Hovercran-systeem van Marelec.
Omdat de visserij met de boomkor en kettingmatten op ecologische en economische bezwaren stuiten, ligt het volgens EL&I beleidsmedewerker Jan van Dijk voor de hand dat deze visserijvorm op termijn in (grote) gebieden niet meer getolereerd zal worden. Alles wijst er op dat de pulsvisserij op dit moment het meest interessante alternatief voor de boomkorvissers is. ,,De Nederlandse overheid en de visserijsector willen een permanente toelating. In Nederland staan nog 48 gegadigden op de wachtlijst en dan zijn er nog ruim 20 bedrijven die interesse hebben, maar nog niet op de wachtlijst geplaatst kunnen worden’’, vertelde Van Dijk. Een probleem is volgens Van Dijk wel dat niemand weet hoe lang de ontheffingen voor de pulsvisserij worden gedoogd. ,,Wij hebben er alle vertrouwen in, maar de banken eisen bij de aanvraag voor kredieten 100 procent zekerheid’’, aldus Van Dijk.
Positieve ontwikkelingen zijn, zo legde Van Dijk aan de hand van een powerpointpresentatie uit, dat op het ecologische vlak duidelijk voordeel wordt behaald door minder bodemberoering, minder benthos, minder ondermaatse doelsoorten, een betere overleving van de discards en een halvering in de CO2-uitstoot. Ook de halvering van het gasolieverbruik, de snelle terugverdientijd van de totale investering (voor een grote kotter 400.000 tot 450.000 euro), de betere kwaliteit en een hogere marktprijs voor de gevangen ‘pulsvis’ passen in dit voordeelrijtje.
Uitzondering daarop maakt de grote kabeljauw die negatief voor het voetlicht wordt gebracht. Door wie? Van Dijk: ,,Er zijn zorgen over de grote kabeljauw. De ruggengraat is een probleem. Ook hoor je wel eens geruchten dat alles dood gaat. Wij ontvangen daar tot nu toe geen rechtstreekse meldingen over en houden het op kaaipraat.’’ Testen in bassins moeten volgens hem meer duidelijkheid brengen in de situatie waarop de grotere kabeljauw op de pulselektrodes reageert en wat daar aan te verbeteren valt. Met kabeljauw onder de 16 centimeter is er niks aan de hand. Van Dijk gaf tevens aan dat er op korte termijn een pilot met technische maatregelen door controleurs wordt opgestart. Dat ‘om de onbeïnvloedbare opslag van gegevens aan boord nadien aan te kunnen tonen’. De overheid gaat er volgens Van Dijk alles aan doen om 100 procent zeker te weten dat er niet met het pulssysteem gemanipuleerd kan worden.
Kees Taal van het Landbouw Economisch Instituut acht het de hoogste tijd dat de pulsvisserij collectief wordt ingebed in de Europese regelgeving. De boomkorvisserij is decennia lang rendabel geweest, maar de brandstofprijs heeft roet in het eten gegooid. Om dat als ondernemer te tackelen is de pulsvisserij nu de meest interessante optie.
Een belangrijk aandachtspunt voor een visserijbedrijf is in de eerste plaats dat je per kotter toch wel over een jaarquotum van 100 tot 120 ton tong beschikt. De ervaring leert dat 2.000 pk kotters die voorheen 80 of hooguit 90 ton tong per jaar vingen vorig jaar tot 130 ton tong aan de wal hebben gezet. Met 40 ton tong (zonder huur) zal het pulssysteem voor een 2.000 pk kotter niet winstgevend zijn. Diverse grote visserijbedrijven zijn in 2011 rendabeler geworden, omdat er 150.000 tot 300.000 euro meer winst werd geboekt.
Zowel Dekker als Kees Taal gaven aan dat de steenachtige plaatsen in de praktijk meer met rust gelaten worden en dat er meer wordt uitgeweken naar de randen van de punten en de vlakkere gronden. Conclusie Dekker: ,,Hoe warmer het water hoe beter de pulsvisserij, een vierkant net vist beter dan een v-net en hoe lager de vaarsnelheid hoe beter de vangst.’’
Voordeel en nadeel Elk voordeel heeft een nadeel, is een oud gezegde. Harmen Klein Woolthuis (HFK) concludeerde in Oostende dat er over de pulsvisserij indianenverhalen de ronde doen die niet wetenschappelijk onderbouwd zijn. ,,Waar jullie zijn geweest is alles dood, werd me deze week gezegd tijdens een bijeenkomst in Denemarken. Daar sta je dan met een bek vol tanden’’, vertelde Klein Woolthuis. Hij deed een klemmend beroep op IMARES en het ILVO om zo snel mogelijk wetenschappelijke rapportages te publiceren. ,,Zou de wetenschap dat op willen pakken?’’
|