Arie Slob (CU) wil duidelijkheid over vergunningsbeleid
|
Sport en provincie willen geen spieringvisserij |
|
vrijdag, 27 januari 2012 |
|
DEN HAAG – De provincie Friesland wil niet dat er dit jaar op spiering wordt gevist. Sportvisserij Nederland heeft bezwaar gemaakt tegen het afgeven van een Natuurbeschermingswet vergunning aan het beroep. Ondanks de vergunning die staatssecretaris Bleker vorige week heeft verleend aan de beroepsvisserij. Arie Slob (CU) heeft afgelopen woensdag hierover vragen gesteld in de Tweede Kamer.
EL&I heeft een spieringvergunning afgegeven, omdat uit onderzoek door IMARES blijkt dat de toestand van het spieringbestand boven de norm ligt. De spieringstand op het IJsselmeer is dus voldoende groot om bevissing te rechtvaardigen.
Naast de vergunning van het ministerie is ook een vergunning volgens de Natuurbeschermingswet nodig. Sportvisserij Nederland heeft echter bezwaar aangetekend bij de provincie Friesland tegen de door deze provincie (reeds in juli 2011) verleende vergunning volgens de Natuurbeschermingswet. Een commissie van de provincie heeft geadviseerd dit bezwaar toe te wijzen. Hierbij speelt mee dat de provincie Flevoland ook geen vergunning wil geven, omdat het bestand specifiek in het Markermeer lager ligt dan de norm. Volgende week vrijdag doet de Raad van State uitspraak over het verzoek van Sportvisserij Nederland om als voorlopige voorziening de provinciale (Friese)vergunning volgens de Natuurbeschermingswet te schorsen totdat er onherroepelijk uitspraak is gedaan.
Tweede Kamerlid Arie Slob (ChristenUnie) heeft woensdag via kamervragen opheldering gevraagd over deze belangrijke kwestie voor de beroepsvissers op het IJsselmeer. Slob: ,,Visserij op spiering wordt eens in de paar jaar toegestaan als de visstand voldoende is. Dit jaar zijn de normen gehaald en vorige week heeft staatssecretaris Bleker een vergunning afgeven. Ik vrees dat deze procedures te lang duren. Er moet snel duidelijkheid komen.” Slob vraagt de staatssecretaris opheldering over zijn toestemming op basis van de bemonsteringen, over de gronden waarop provincies een NB-wet vergunning kunnen weigeren, over het omgaan met de drempelwaarden door rijk en provincie, en over het tijdspad. Elke week telt immers in de spieringvisserij. ,,Hoe lang duurt het in geval van een eventuele voorlopige voorziening totdat er in hoogste instantie onherroepelijk uitspraak is gedaan?’’, vraagt Slob zich af. ,, Kan dit nog voor de start van het visseizoen?’’
Slob vraagt tenslotte of Bleker mogelijkheden ziet de vergunningsprocedure aan te passen zodat er sprake is van één integrale vergunning? Bleker zou in die kwestie moeten bemiddelen tussen de beroepsvissers, de sportvissers en de provincie Friesland. Een van de vragen van Slob aan Bleker stemt somber over bemiddelinspogingen met de sport: ,,Klopt het dat Sportvisserij Nederland bij de provincie Friesland bezwaar heeft aangetekend op alle verleende NB-wet vergunningen voor beroepsmatige visserij op het Ijsselmeer?’’
De drempelwaarde voor een spieringvergunning van het ministerie van EL&I is een gemiddeld aantal spieringen van 2.100 per hectare, waarbij het Markermeer voor een derde en het IJsselmeer voor twee derde telt. Dat gemiddelde is voor 2012 door IMARES vastgesteld op 2.216 spieringen per hectare. Na bemonstering afgelopen najaar bleken op het Markermeer 1.052 spieringen per hectare voor te komen, terwijl dat op het IJsselmeer 2.799 spieringen per hectare waren.
|
| |