|
BRUSSEL – Noordzeevissers moeten volgend jaar 12,5 procent Noordzeeschol inleveren, terwijl ook nog het aantal zeedagen voor de bokkers met 8 procent omlaag gaat. Dat is de dramatische uitkomst van de onderhandelingen tussen de Europese Unie en Noorwegen over de gedeelde bestanden vorige wee. ,,Een ´shit-akkoord´ zegt een hevig verontwaardigde kottervoorman Ben Daalder.
In het Noors-Europese akkoord is een beperking van de Noordzeekabeljauw van -14 procent afgesproken, terwijl voor de wijting een roll-over is overeengekomen. De verdere korting op de schol komt keihard aan. De quotadaling blijft doorgaan, alle inspanningen ten spijt om het tij te doen keren. De TAC komt dus op een nieuw historisch dieptepunt. Dramatisch is ook een verdere zeedagenkorting voor de bokkers om zo koste wat het kost te proberen de kabeljauw er bovenop te helpen. Formeel moet de uitkomst nog bekrachtigd worden tijdens de Visserijraad op 20 december. Maar het is niet gebruikelijk dat dan wordt afgeweken van het akkoord.
De aanvang van de tweede onderhandelingsronde was nog hoopgevend. Maandag stelden de Noren namelijk het er op begon te lijken dat vogels beter beschermd worden dan vissers en dat er daarom niet teveel van de kabeljauw gekort mocht worden. Maar een dag later werd prompt een kabeljauwreductie van 25 procent voorgesteld. De EC vond dat prima. Maar vanuit de lidstaten kwam breed protest. Ook vanuit Nederland, vanwege de koppeling van de kabeljauwbijvangst voor de bokkers. Uiteindelijk werd de kabeljauw ´afgemaakt´ op -14 procent.
De Europese Commissie had in de wandelgangen vooraf een signaal afgegeven de schol-TAC met 15 procent te willen beperken. Voor Nederland een bepaald niet gelukkige move. De Noren kwamen dinsdag plots met een compleet uitgewerkt scholmanagementplan met forse inspanningsreducties. Daarvoor had de EC totaal geen mandaat. En daarop stelden de Noren keihard dat dan het biologisch advies van -46 procent onverkort opgevolgd moest worden. Van Nederlandse, Deense, Belgische en ook Britse zijde werd daarop aangegeven dat een reductie van 15 procent al teveel van het goede was.
Het Nederlandse bedrijfsleven – vertegenwoordigd door Ben Daalder en Geert Meun - streed tot in de laatste onderhandelingsronde voor een roll-over. Toen dat totaal niet haalbaar bleek, werd aangegeven dat men een scholreductie van vijf procent wilde accepteren als de dagen ongemoeid zouden worden gelaten. Volgens de modellen zal het bestand dan stabiel blijven. Nederland zette zich ook in voor die lijn: beperkte daling met behoud van dagen. Aanvankelijk was daar ook steun voor van genoemde Noordzee-lidstaten. De Nederlandse delegatie onder leiding van Reinder Schaap kreeg tijdens veelvuldig ruggespraak met Den Haag ook het advies de rug recht te houden.
Maar de Noren wilden absoluut niet bewegen, en gaven tot ongeloof van de Nederlandse kotterbestuurders aan met hun belang van slechts 7 procent in de schol hier toch een breekpunt van te willen maken. Althans, zo kwam het over. Toen het er vervolgens op aankwam, bleek Nederland alleen te blijven staan en andere lidstaten onder druk van de Europese Commissie voor eigen prioriteiten te kiezen. Met moeite kon het nog -12,5 procent voor de schol worden.
De Noors/Europese onderhandelingen betreft zeven gedeelde bestanden. Naast kabeljauw, schol en wijting zijn besluiten genomen voor schelvis (+ 5%), koolvis (gelijk), makreel (+13%) en haring (-25%).
Over de inzet van Nederland in de onderhandelingen heeft Federatievoorzitter Daalder waardering. Maar daar houdt het ook mee op. Ontieglijk boos en met een groot gevoel van onmacht reed hij samen met Geert Meun via Urk terug naar Texel. ,,Hoe kunnen we dit uitleggen aan onze vissers, de vangsten vooral in de noord zijn hartstikke goed. Let wel: ik zeg niet dat er plenty schol is. Maar stabiliteit in de TAC is volstrekt verantwoord. Dit heeft niets en dan ook helemaal niets met visstandsbeheer te maken. Inhoudelijke argumenten doen er kennelijk niet toe. Het is een puur politiek spel, en de Nederlandse sectorbelangen worden verkwanseld. Verschrikkelijk. Dramatisch is het.´´
In Brussel had minister Veerman vorige maand nog gezegd het niet te kunnen accepteren dat het beperkte aantal zeedagen voor de kottervloot nog verder achteruit zou gaan. Veerman bracht toen ook naar voren dat scholvissers aanzienlijk meer vis zien dan uit de drastische biologische adviezen zou blijken.Veerman heeft die punten ook neergelegd in een bilateraal gesprek met Eurocommissaris Borg. ,,Dat blijkt van weinig waarde te zijn geweest. De Europese Commissie heeft doorgepakt om met name de boomkor hard te raken´´, concludeert de Federatie van Visserijverenigingen.
Directeur Visserij Albert Vermuë vindt dat vooral de intern verdeelde Europese Commissie een spelletje speelt: De eigen doelstelling om de schol-TAC en de visserijinspanning te verlagen wordt via de Noren gespeeld. ,,Door eerst al een reductie van -15 procent te laten circuleren is het natuurlijk erg moeilijk om daar later van terug te komen. Met die zeedagen wil men hoe dan ook ons laten bloeden voor bijvangsten en discards.
Voor ons was het uiteindelijk slikken. Donderdagnacht werd duidelijk dat er zonder akkoord van onze kant er voor de schol -15 procent zou uitkomen en we er dan voor wat de zeedagen betreft maar tijdens de Visserijraad uit moesten zien te komen. Met het gevaar dat dan de zeedagenbeperking één op één gekoppeld zou worden aan de overeengekomen TAC-reductie voor de kabeljauw, zoals de Europese Commissie dat ook heeft aangegeven in haar platvisbeheervoorstellen. Zo´n evenredige daling wilden wij doorbreken. Onze minister had in de bilaterale contacten met Europees Visserijcommissaris Joe Borg duidelijk aangegeven dat een kleine reductie van de schol acceptabel was als de zeedagen ongemoeid zouden worden gelaten. Maar Borg had daar nog geen antwoord op gegeven.´´
De Europese Commissie heeft afgelopen dinsdag haar TAC-voorstellen voor 2007 gepresenteerd. Zoals vorige week al laten vallen, wordt voor de Noordzeetong een reductie van 15 procent voorgesteld. Gelet op de geringe uitputting dit jaar en de mogelijkheid om tien procent over te hevelen is dat voor het bedrijfsleven acceptabel.
Ronduit negatief zijn wel de voorstellen om de zogeheten geassocieerde (platvis)bestanden opnieuw neerwaarts bij te stellen. Zo wordt voor tarbot/griet en voor tongschar -10 procent voorgesteld, voor bot/schar -20 procent en voor rog/vleet -45 procent. Deze steeds belangrijkere quota worden volledig benut, en voor tarbot/griet en schar/bot liggen er zelfs Nederlandse aanvragen in Brussel voor een tussentijdse verhoging.
Zwaar op de maag ligt ook het voorstel om de langoustine-TAC met 15 procent te reduceren, daar waar de biologen hebben ingeschat dat dit bestand licht is toegenomen.
|